20.12.04

Grontmij

Citaat uit de Goudsche Courant: ‘Het onderzoek dat de gemeente Gouda door de Grontmij liet uitvoeren naar de natuurwaarden in het gebied waar Westergouwe komt, is op punten onjuist en onvolledig. Daarom mag de rapportage niet worden gebruikt voor de milieu-effectrapportage die Gouda voor het plangebied moet maken. Dit stelt de Moordrechtse Milieuvereniging de Zuidplaspolder (MMVZ).’
De geschiedenis herhaalt zich. In mei 2003 veegde de onafhankelijke Commissie voor de Milieueffectrapportage (MER), een club van zeer geleerde deskundigen, een MER van diezelfde Grontmij van tafel. Dat betrof het onderzoek naar de gevolgen voor natuur en milieu van de aanleg van een zuidwestelijke randweg bij Gouda. Die MER was óók geschreven in opdracht van, vooral, de gemeente Gouda.
De kritiek van de MMVZ is niet mals: er is te veel gebruik gemaakt van onderzoek door anderen, er wordt geen informatie over de gebruikte onderzoeksmethoden gegeven, bepaalde resultaten zijn twijfelachtig en sommige zaken zijn helemaal niet onderzocht. Het klinkt ontzettend herkenbaar. Op de MER voor de ZWR had de Commissie ook het nodige aan te merken. Een greep: de Grontmij had moeten kijken naar de knelpunten met natuur, landschap en leefbaarheid en vanuit die knelpunten moeten zoeken naa oplossingen. Had ze niet gedaan. Ook had de Grontmij autonome ontwikkelingen niet consequent meegenomen, waardoor de verschillende alternatieven onvergelijkbaar werden. Verder had de Grontmij onvoldoende laten meewegen dat de Veerstalblokboezem een kerngebied in de ecologische hoofdstructuur is (toch een behoorlijk essentieel gegeven lijkt mij), en ten slotte rommelde de Grontmij maar wat aan met het geven van scores aan de verschillende alternatieven.
Een organisatie die zo’n wanproduct heeft geleverd, laat je bij een volgend groot project toch niet weer een MER opstellen? Wat heeft Gouda bezield?
Nu ligt er voor de ZWR een ‘aanvullende MER’ - zo heet het officieel als de Commissie een MER niet heeft goedgekeurd. De werkelijkheid is dat de Gronmij van de MER haar huiswerk helemaal moest overdoen en dan is het bijna aandoenlijk om te zien hoe de Grontmij deze vernedering in de aanvullende rapportage goedpraat en de geschiedenis vervalst: de aanvulling was nodig, schrijft de Grontmij, in verband met de relatief lange tijdsspanne waarin ook nieuwe normen van kracht waren geworden. ‘Aanvulling moest zich richten op een actualisatie van verouderde gegevens, een aanvulling van ontbrekende gegevens en het benoemen van haalbare alternatieven in zowel maatschappelijke als financiële zin’. En dan gaat de Grontmij verder: ‘Om een zelfstandig leesbaar en overzichtelijk document te krijgen is er voor gekozen een nieuw integraal MER op te stellen.’
Dank je de koekoek, alsof het een genereus gebaar van de Grontmij is. Ze móest dit doen, omdat de vorige MER niet deugde. En of de aanvulling wel deugt, valt nog te bezien. Van de Grontmij kan je alles verwachten, maar niet direct dat ze een deugelijk product aflevert.

14.12.04

Vertrouwen

Hoe vertel ik het de 1.033 Ouderkerkers die in 2002 een stem op de PvdA uitbrachten, en al die anderen die dit misschien in 2006 weer gaan doen? Hoe leg je uit dat de PvdA, hún PvdA, met de drie christelijke partijen in één college gaat zitten? Met die vraag heb ik, heeft de fractie de afgelopen dagen flink geworsteld. Het ís ook geen gemakkelijke boodschap. Tweeënhalf jaar lang hebben we als enige partij oppositie gevoerd tegen een college dat voor driekwart uit dezelfde partijen bestond als waar we nu mee gaan samenwerken. En daarbij flink kritiek geleverd. Op de neerbuigende houding van het college ten opzichte van het hoogste orgaan van de gemeente, de raad. Op het niet nakomen van toezeggingen. Op de armzalige manier van communiceren met de bevolking. Op van alles en nog wat. Verschillende keren gingen we naar de raad met een motie van wantrouwen in de achterzak – en toch gaan we nu samenwerken met de partijen waar we nog maar kort geleden zo’n moeite mee hadden.
In haar laatste nieuwsbrief geeft de fractie een toelichting op dit besluit. We hadden ook flinke eisen gesteld aan deelname aan een college: natuurlijk moest de PvdA als grootste partij een wethouder leveren, dat stond bij voorbaat vast. En er moest een garantie zijn dat Gouderak zijn multifunctioneel gebouw kreeg. Bovendien wilden we ons het recht voorbehouden, op onderdelen van het beleid die voor de PvdA van wezenlijk belang zijn, een eigen koers te blijven varen. En, dat was misschien nog wel het belangrijkste: het vertrouwen van de inwoners van Ouderkerk in het gemeentebestuur moet worden hersteld. Want dat dat onder het vriespunt was gedaald bleek wel uit het burgertevredenheidsonderzoek. Onvoorstelbaar eigenlijk onder een college, dat zichzelf het motto ‘Het vertrouwen waarmaken’ had meegegeven.
Niets is zo funest voor de toekomst van een gemeente als het wegdrijven van haar inwoners van het bestuur. Ouderkerk staat het komend jaar voor moeilijke besluiten die raken aan de kern van de gemeente: de bestuurlijke toekomst (zelfstandig of toch maar in één Krimpenerwaardgemeente), ruimtelijke ingrepen (woningbouw en de ontwikkeling van een bedrijventerrein, de realisering van een multifunctioneel gebouw, de aanleg van een nieuwe begraafplaats - zie ook deze PowerPoint-presentatie! - , een dorpsvisie voor Gouderak, de ontwikkeling van het havenfront in Ouderkerk aan den IJssel, de Zellingwijk niet te vergeten) en een fikse bezuinigingsslag. Besluiten die je niet kunt nemen zonder draagvlak in de gemeenschap, en daar zijn wethouders voor nodig die het vertrouwen van de Ouderkerkers hebben. Ik ben ervan overtuigd dat Leen van Winden zo’n wethouder zal zijn.
De PvdA zou de PvdA niet zijn wanneer ze, daar uitdrukkelijk om gevraagd door de andere partijen, niet haar bestuurlijke verantwoordelijkheid had genomen en in de oppositie was blijven zitten. Dat was de gemakkelijkste weg geweest, maar de PvdA staat er niet om bekend daar altijd voor te kiezen. We gaan die uitdaging, om dat geschonden vertrouwen te herstellen, dus aan. Zónder concessies te doen aan onze uitgangspunten, maar mét goede afspraken met de andere collegepartijen dat het besturen vanaf nu echt anders moet. Open, eerlijk en met een luisterend oor voor wat er leeft in de gemeenschap.De fractievoorzitter van de VVD noemde het in de Goudsche Courant ‘onbegrijpelijk’ dat de PvdA tot dit besluit was gekomen. Ik zou het onbegrijpelijk hebben gevonden als de PvdA zich niet verantwoordelijk had gevoeld voor het bestuur van de gemeente.

6.12.04

Polsbandje (3)

Nog één keer dan, de kwestie van de mobiele spreekuurlocaties. Vandaag reageerde de betrokken Goudsche Courant-journalist op mijn vorige stukje. Hij mailde mij het volgende: Leo, nadat ik enkele weken terug tijdens een commissie Ouderkerk jouw vragen had genoteerd over een mobiel spreekuur, heb ik die vragen later eens telefonisch voorgelegd aan de politie. Een woordvoerder meldde mij, nadat deze de betrokken mensen binnen de politie had gesproken, dat het onderwerp mobiele spreekuren niet ter sprake is geweest. en dus in de Krimpenerwaard niet van toepassing is. Ook optie 1 kan wat mij betreft dus vervallen.
Dat laat aan duidelijkheid niets te wensen over en eerlijk gezegd had ik, gezien de stelligheid van het citaat, ook niets anders verwacht. Om dan maar te variëren op de vraag die ik in het eerste stukje opwierp: als je een politiewoordvoerder al niet meer kan geloven, wie dan wel?

1.12.04

Polsbandje (2)

Eergisteren schreef ik dat twee achtereenvolgende burgemeesters hun toezegging aan de gemeenteraad, om met de politie te spreken over het idee van mobiele spreekuurlocaties, niet waren nagekomen. Ik baseerde me daarbij op een krantenstukje waarin een woordvoerder van de politie werd geciteerd: ‘Volgens een woordvoerder van de politie is dat nooit onderwerp van gesprek geweest. Toen duidelijk werd dat het politiebureau in Ouderkerk aan den IJssel zou worden opgeheven, is alleen gezocht naar andere, vaste onderkomens.’ Ik sloot mijn stukje af met de vraag: als je burgemeesters al niet meer kan vertrouwen, wie dan wel?
Gisteren zei burgemeester Hans Oosters tijdens een openbare commissievergadering, dat hij het idee wél had besproken met de politie. Maar dat het, op grond van ervaringen met zo’n project in Zeeland, vanwege de kosten niet verder is uitgewerkt.
Op hoge toon werd ik daarop door de fractievoorzitter van de ChristenUnie voor mijn weblogstukje ter verantwoording geroepen. Hoe haalde ik het in mijn hoofd om de burgemeester onbetrouwbaar te noemen? Had ik niet eerst even de feiten kunnen checken? En ik moest mijn excuses aanbieden, in de vergadering én op mijn weblog.
Ik ben soms blij met mijn collega-raadslid, omdat hij als geen ander de voortgang der zaken bewaakt en alles nauwgezet bijhoudt. Ik kan bij wijze van spreken blindvaren op zijn archief. Dat is prettig voor iemand die meer van de grote lijnen is. Maar ik heb er moeite mee als hij zich ook opwerpt als het moreel kompas van de gemeenteraad. Of en wanneer er excuses moeten worden gemaakt, bepaal ik zelf wel. Liefst in samenspraak met degene die het betreft. Of nadat ik daar door een rechter toe word gedwongen. Maar niet omdat een ander raadslid dat van mij eist.
Even terug naar de zaak. Er zijn drie mogelijkheden: de journalist van de krant heeft de politiewoordvoerder verkeerd geciteerd, de politiewoordvoerder heeft zomaar iets gezegd zonder kennis van zaken, of de burgemeester probeert achteraf iets goed te praten en sprak gisteravond niet de waarheid. Laat ik gelijk maar zeggen dat ik die laatste mogelijkheid uitsluit. Ik ken Hans Oosters al wat langer dan vandaag en als ik één bestuurder op zijn woord vertrouw, dan is hij het wel. Waarbij de suggestie van onbetrouwbaarheid wat mij betreft is rechtgezet. Als mijn slotzin van eergisteren die indruk heeft gewekt, dan is dat niet terecht. Zijn dit excuses? Ik denk dat het voor de burgemeester voldoende is en zo niet, dan hoor ik dat graag. Van hemzelf.

29.11.04

Polsbandje

Balkenende draagt ’m al, en met hem nog veel andere meer of minder bekende Nederlanders. De premier heeft ze ook uitgedeeld in de ministerraad. Oranje polsbandjes, een signaal aan de buitenwereld dat we ‘respect’ voor elkaar moeten hebben.
Ik vind het nogal mallotige symboliek. Hoe je je tegenover anderen gedraagt dwing je niet af met een lullig polsbandje (en nog oranje ook!), dat zit gewoon in je. Of niet. Respect, om dat modieuze woord nog maar eens te gebruiken, heeft ook te maken met doen wat je zegt. Beloften nakomen. Dat belooft nog wat met deze regering, met al die polsbandjes.
Dichter bij huis kan ook het Ouderkerkse college van B en W wel zo’n polsbandje gebruiken. Want dit college doet ook niet altijd wat het zegt. Welke coalitie er straks ook komt, de inzet van het beleid zal moeten zijn dat het college weer respect moet verwerven – bij de bevolking, maar zeker ook bij de raad.
Voorbeeld. Tot twee keer toe, de eerste keer al tijdens het vorige regime van burgemeester Hermans, heb ik namens de PvdA gevraagd te onderzoeken of de politie met mobiele spreekuurlocaties kan gaan werken in de verschillende dorpen van de Krimpenerwaard. Een omgebouwd bestelbusje, met een computerverbinding met het politiebureau in Schoonhoven, dat flexibel kan worden ingezet. Inspelend op de actualiteit (als er ergens sprake is geweest van overlast, ga je er de volgende dag met je mobiele kantoor even langs om de mensen de kans te geven hun hart te luchten en eventueel aangifte te doen), en inzetbaar op verschillende plaatsen (op de markt, bij de school, zodat mensen er sneller gebruik van kunnen maken). Dat willen we toch, de politie dichter bij de mensen brengen? Wij vonden het in ieder geval een interessante gedachte, en de burgemeesters Hermans en Oosters ook. Zeiden ze. Ze zouden het zéker gaan inbrengen in de discussie over de huisvesting van de politie. Beloofden ze.
Maar wat lees ik nu in de Goudsche Courant? Over het idee is nóóit gesproken, zegt een politiewoordvoerder. Pardon, twee burgemeesters hadden het toch belóófd? Als je burgemeesters, symbool voor het openbaar bestuur, al niet meer kan vertrouwen, wie dan wel?

19.11.04

Groot of klein

De Groningse bestuurskundige Michiel Herweijer brak deze week een lans voor kleine gemeenten. Herweijer, specialist gemeentelijke herindelingen, vindt dat het groter maken van gemeenten de bestuursproblemen niet oplost. Een grotere gemeente laat zich moeilijker besturen en dat heeft, zegt hij, onder meer te maken met de betrokkenheid van de burger. Die voelt de afstand tot de politiek toenemen wanneer de gemeente uit haar krachten groeit. Met als gevolg dat de bereidheid om zich in te zetten voor het dorp afneemt. Hetzelfde geldt voor de raadsleden. In een grote gemeente zijn goede raadsleden moeilijker te vinden dan in een kleine, omdat mensen het raadswerk doen vanuit een zeker idealisme en betrokkenheid met hun omgeving.
Stel dat er één gemeente Krimpenerwaard komt, zou ik daarvoor in de gemeenteraad willen zitten? Ik weet het niet. Zeker niet, wanneer in die raad vooral wordt gesproken over organisatorische problemen in het ambtelijk apparaat. En die kans is wel groot in een grote gemeente. Kijk wat er nu al gebeurt: in de Ouderkerkse raad zijn we meer tijd aan het kibbelen over de ‘cultuur’ van de gemeente en de samenwerking met andere gemeenten, dan aan de zaken die er echt toe doen: de inrichting van de openbare ruimte, het aanpakken van vernielingen en hondenpoep, het openhouden en verbeteren van de voorzieningen voor jong en oud. In het burgeronderzoek zeiden de Ouderkerkers het ook: de gemeentebestuurders houden zich met de verkeerde problemen bezig.
Dus dan maar geen gemeente Krimpenerwaard? Waarom niet, als die zich maar bezighoudt met de grotere zaken waarvoor onze inwoners toch geen interesse hebben. Zij willen niet weten hoe de brandweer is georganiseerd, als ze er maar op kunnen rekenen dat er in geval van nood snel een auto ter plaatse is. Zij willen niet weten of de sociale dienst in Nederlek of in Schoonhoven is gehuisvest, als ze in het eigen dorp maar bij een loket terecht kunnen. Dáár gaat het om: het bestuur en de dienstverlening moeten terug naar de burger. Als dat nou de inzet van de discussie wordt de komende maanden, dan zijn we op de goede weg.

9.11.04

Verenigt u!

Gisteravond ledenvergadering van de PvdA gehad. Een paar nieuwe gezichten, dat is mooi. De politiek leeft weer een beetje en zo hoort het natuurlijk ook. Onze eigen leden kennen we, maar we willen graag ook dat anderen die meestal progressief stemmen met ons meedenken over hoe het verder moet met Ouderkerk. Mensen die landelijk of provinciaal GroenLinks of SP stemmen, of – vooruit dan maar – D66. Lokaal hebben zij geen platform, de PvdA stelt dat van haar daarvoor open. Het gaat hier niet over defensieuitgaven, de hoogte van de ontwikkelingshulp, het financieringstekort of andere onderwerpen waar de linkse kerk op landelijk niveau nogal eens verdeeld over denkt. In Ouderkerk moeten we elkaar kunnen vinden op basale onderwerpen als het belang van goed onderwijs, investeren in jongeren, seniorenbeleid, natuur- en milieubeleid en het betrekken van mensen bij het bestuur. Progressief Ouderkerk, verenigt u! zou ik haast zeggen.
De hoofdmoot van de besprekingen vormden natuurlijk de politieke crisis waar Ouderkerk onder gebukt gaat en de inhoud van onze algemene beschouwingen. Intensief gediscussieerd over de bestuurlijke toekomst van Ouderkerk en de Krimpenerwaard, de rol van dorpsraden en de kracht én onmacht van het samenwerkingsmodel. Volgende week komen de PvdA-afdelingen uit de Krimpenerwaard bijeen om ook over dit onderwerp te praten. Het wordt tijd dat we eens echt gaan kiezen voor een richting en niet rond de hete brij blijven draaien.Andere onderwerpen waren (uiteraard) het multifunctioneel gebouw in Gouderak en de Zuidwestelijke Randweg. De PvdA mag wat die ZWR betreft geen Don Quichotte worden die een hopeloze en eenzame strijd blijft voeren, was de algemene conclusie. Hopeloze strijd, daar is er helaas al genoeg van. Het bomenbeleid, bijvoorbeeld. Twee jaar geleden al beloofde het college voor iedere boom die wordt gekapt, ten minste één gelijkwaardige boom terug te planten. Daar komt in de praktijk dus niets van terecht. Het is niet de eerste keer dat dit college een duidelijke uitspraak van de raad naast zich neerlegt. Een college in een nieuwe samenstelling zal dit echt beter moeten doen. Puntje voor onderhandelingstafel!

5.11.04

Huismus

Terwijl ik dit stukje tik zie ik in de tuin een grote zwarte merel. Vaak strijkt er ook een groep staartmezen neer. Andere regelmatige gasten zijn de kool- en pimpelmezen, roodborstjes en lijsters. Een enkele keer heb ik geluk en zie ik de felblauwe ijsvogel even op een tak boven de sloot rusten. Vooral in de zomer zweven er nogal eens buizerds boven mijn hoofd en ’s nachts hoor ik af en toe de roep van de uil. Pas zag ik een grote zilverreiger, trots en ontzettend wit stond hij aan de slootkant. De natuur binnen handbereik. Trouw klop ik iedere dag het tafelkleed uit, in de ijdele hoop dat ik iets kan bijdragen aan het behoud van de huismus. De huismus en zijn neefje de ringmus staan sinds vandaag op de Rode Lijst van bedreigde vogelsoorten. Een trieste ontwikkeling.
Kan de gemeente iets doen aan het behoud van onze inheemse vogelsoorten? Volgens mij wel. Bij nieuwbouw en verbouw van huizen kunnen eisen worden gesteld aan het soort dakbedekking. Er moet meer ruimte komen onder de dakpannen, zodat de mus er weer ongestoord kan broeden. En in het groenbeleid kan de gemeente rekening houden met nestelmogelijkheden voor de ringmus. In NRC Handelsblad las ik dat een van de oorzaken van de achteruitgang van de ringmus was, het verdwijnen van houtwallen op het platteland. Nou, daar kan met wat goede wil best wat aan gedaan worden, denk ik. Bijvoorbeeld door meer planten te introduceren die met hun geur vogels lokken.
Een paar jaar geleden sprak ik met Manuel Kneepkens van de Stadspartij in Rotterdam over het Rotterdamse bomenbeleid. Hij wil dat in dat beleid veel meer rekening wordt gehouden met ‘vogelvriendelijke’ bomen. Platanen, bijvoorbeeld, zijn schitterende bomen maar je zult er geen vogel in zien, omdat ze geen schors hebben waar allerlei kleine beestjes in zitten, lekkernijen voor de vogel. Ik wil dat pleidooi wel overnemen. Vogels horen bij ons. Als ik ’s in de ochtendschemering op de bus sta te wachten is soms het enige wat ik hoor het geluid van ontwakende vogels. Kleine momenten van puur geluk zijn dat, die ik niet wil missen. Evenmin als de huismus. De ooievaar is van de Rode Lijst zijn afgevoerd. Dat is mooi, maar die vrolijkt mijn tuin niet op.De moraal: we moeten allemaal ons tafelkleed weer buiten uitkloppen, net als we vroeger deden. Weg met de kruimeldief! En de nieuwe woningen in Geer en Zijde en de Sportlaan, daar moeten musvriendelijke dakpannen op komen. Evenals op het nieuwe multifunctionele gebouw in Gouderak.

4.11.04

Vrije val

En alsof het allemaal nog niet erg genoeg was, verloor Ajax gisteravond ook nog.
De vrije val van ‘mijn’ Ajax valt samen met de teloorgang van onze verzorgingsstaat. Vandaag bezocht ik een congres van mijn werkgever met het thema ‘De brug tussen zorg en bijstand’. Over de zorg die gemeenten hebben voor mensen in de bijstand, die weer aan het werk moeten worden geholpen, en over de gevolgen van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Uitgangspunt daarbij is, dat mensen zelf verantwoordelijk worden voor het organiseren van de zorg en hulp die zij nodig hebben. ‘Die wet wordt een nationale ramp’, zei de directeur van de Rotterdamse verslavingszorg, en hij voorzag over tien jaar een parlementaire enquête over de vraag, hoe we het ooit zo ver konden laten komen. Ik denk dat hij gelijk krijgt, want er verschijnen steeds meer rapporten waaruit blijkt, dat de mensen die hulp en zorg nodig hebben nou net de groepen zijn, die dat níet kunnen organiseren. Omdat zij ongeschoold zijn, of ongezond, of slechts een beperkt sociaal netwerk hebben en niet weten tot wie ze zich moeten wenden. Het kabinet legt dit probleem bij de gemeenten neer. Terecht dat die daar niks voor voelen, zolang er geen geld bij wordt geleverd om dat goed uit te voeren.
Een andere spreker was de vice-voorzitter van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling. Zij lichtte vast een tipje van de sluier op van een rapport, dat over twee weken verschijnt. Ook zij was helder: ‘De verzorgingsstaat wordt om zeep geholpen’. Niet de onbetaalbaarheid van de verzorgingsstaat is het probleem, zoals het kabinet ons wil doen geloven, maar het onvermogen om op te komen voor de mensen die het het hardst nodig hebben. De arrangementen van de verzorgingsstaat zijn te duur geworden. Ooit is de verzorgingsstaat uitgevonden om te zorgen voor de mensen die hulp en zorg niet kunnen betalen. Maar sluipenderwijs zijn de voorzieningen uitgegroeid tot een stelsel waar iedereen recht op heeft, ook degenen die het best zelf kunnen betalen. Wat doet het kabinet nu, nu het stelsel te duur wordt? Het voert een generieke korting door, of verhoogt de eigen bijdrage. En door zo’n generieke korting hebben de groepen die het echt nodig hebben, niet meer genoeg aan wat rest aan voorzieningen. WAO’ers worden gekort op hun uitkering, omdat anderen en ten onrechte gebruik van maken. En straks wordt ook nog het persoonsgebonden budget, het budget waar mensen die zorg, hulp of begeleiding behoeven recht op hebben, ‘generiek’ gekort, verwachtte spreekster, zonder dat wordt gekeken naar wie zo’n PGB écht nodig heeft. De rekening wordt zo gelegd bij degenen die toch al in een kwetsbare positie verkeren.
Dat is wel een erg wrange invulling van het profijtbeginsel.

3.11.04

Nieuws

Het heeft wat losgemaakt, mijn pleidooi voor een aangepast ambtsgebed. Een flink stuk op de voorpagina van de Goudsche Courant, veel mondelinge. Misschien moet ik er toch maar een serieus voorstel van gaan maken.
Bij de coalitieonderhandelingen misschien? Want ineens ligt de zaak weer open, nu het CDA vandaag bekendmaakte niet verder te willen met alleen de SGP en de ChristenUnie. Zo’n coalitie is niet breed genoeg, vindt het CDA. En gelijk hebben ze. Dat betekent, dat we nu alle kanten op kunnen. Morgenavond praten de vijf fractievoorzitters en de burgemeester over de vraag: hoe nu verder? Wordt vervolgd, dus.
(Overigens, ik had beloofd nog wat meer te vertellen over de inhoud van het gesprek dat ik eerder had met de drie christelijke partijen. Kortheidshalve verwijs ik daarvoor naar deze toelichting, waarin de PvdA aangeeft waarom ze níet meedoet in zo’n C3/PvdA coalitie. Meer informatie staat ook op www.ouderkerk.pvda.nl.)
Natuurlijk zijn deze ontwikkelingen spannend en belangrijk, maar ze vallen in het niet bij die twee andere zaken die vandaag het nieuws hebben gedomineerd: de moord op Theo van Gogh en de overwinning van George W. Bush. Wat een rotdag, en wat een rotkrant is de Telegraaf toch met die foto van het lichaam van Van Gogh. Ik weet het, nieuws is nieuws, en als ik hoofdredacteur van de Telegraaf was zou ik die foto ook afdrukken, maar niet zo groot en zeker niet op de voorpagina. Leuk voor de kinderen die ’s morgens de krant oprapen van de deurmat. En leuk voor de familie en vrienden van het slachtoffer, die net als ik op straat met dit beeld worden geconfronteerd. Ik wist het altijd al, die krant deugt niet. Vandaag is dat weer eens bevestigd.

28.10.04

Nieuw jasje

Overspel wordt ruzie, het lijdensverhaal een thriller en de franje verdwijnt uit de zinnen. Kortom, de huiver maakt plaats voor hedendaagse zakelijkheid.
Dit heb ik niet van mezelf, het staat vandaag in het dagblad Trouw en het gaat over de nieuwe bijbelvertaling die gisteren officieel het licht zag. Verwacht van mij geen badinerend stukje, ik vind de bijbel een belangrijk boek dat onze cultuur en politiek (zeker in Ouderkerk) stevig beïnvloedt. Ik ben ook opgevoed met de kinderbijbel van Anne de Vries die nu overigens naast het bed van mijn dochter ligt. Prachtige verhalen. Maar ook niet meer dan dat. Want dat scheppingsverhaal bijvoorbeeld, daar deugt feitelijk natuurlijk niets van. Zie de vondst van een nieuwe menssoort op het eiland Flores.
Die nieuwe vertaling vind ik een goede zaak. Als we de bijbel interessant willen houden, al was het alleen maar voor die verhalen, dan moet het boek wel toegankelijk blijven. Alleen op de Wereld is een paar jaar geleden ook in een nieuw jasje gestoken, en terecht.
De bijbelvertaling is voor mij aanleiding om op deze plaats voor te stellen, ook het ambtsgebed van de gemeenteraad aan te passen. Dat het ambtsgebed kan worden afgeschaft is vooralsnog een illusie, daar is geen meerderheid voor te vinden. Maar een iets vlottere tekst moet toch kunnen.
Nu klinkt het zo: Almachtige, barmhartige, genadige God! In de vergadering samen gekomen, ter behartiging van de ons toevertrouwde openbare belangen, bidden wij U om de nodige wijsheid om onze bestuurstaak naar behoren te volbrengen. Geef ons een klaar inzicht in hetgeen, met voorbijzien van elk ander oogmerk, het algemeen belang van ons vordert en doe op onze besluiten Uw onmisbare zegen rusten. Amen.
Snapt u er iets van? Zo zou het ook kunnen: God! In deze vergadering, waar wij ons best doen het algemeen belang te dienen, vragen wij U ons daarbij te helpen. Amen.
Daarmee is alles gezegd. En het is een stuk korter, dat is wel zo prettig voor degenen voor wie het gebed niet zo nodig hoeft.

26.10.04

Vrijage

Voor je het weet zit je te onderhandelen over een plaatsje in het college. Het kan verkeren.
Ik heb mijn weblog de laatste tijd verwaarloosd, waarvoor excuses. Maar nu is er ook een aardige aanleiding om de draad weer op te pakken: nadat de VVD-wethouder twee weken geleden is opgestapt, heeft nu ook de VVD de pijp aan Maarten gegeven – gisteren maakte de VVD officieel bekend de coalitie vaarwel te zeggen. Ze schuift nu gezellig aan bij de PvdA in de oppositiebankjes.
Hoewel?
Vorige week al ontving ik een uitnodiging om eens met de collega-fractievoorzitters van de drie christelijke partijen SGP, ChristenUnie en CDA (C3) te komen praten. Dat gesprek vond gisteravond plaats. Vertrouwelijk, dat spreekt. Althans voorlopig. Ik kom later wel op de inhoud terug. Voor dit moment volstaat het om te zeggen dat de C3 zoeken naar een breed draagvlak voor het college, en dus met de enige partij contact leggen die daarvoor kan zorgen: de PvdA. Het principe van een breed draagvlak steun ik, maar dat betekent nog niet dat de PvdA, die zich de afgelopen 2,5 jaar steeds kritisch (constructief kritisch natuurlijk) over dit college heeft uitgelaten, nu zonder meer bij de C3 aanschuift. Dat heb ik de C3 ook laten weten, steun van de PvdA aan het collegebeleid heeft een prijs.
Donderdagavond moet blijken of de prijs, die de PvdA heeft gevraagd, voor de C3 voldoende acceptabel is om verder te praten over een coalitie. Zo ja, dan zal ik natuurlijk dat gesprek aangaan. Het past een democratische partij als de PvdA niet weg te lopen voor bestuursverantwoordelijkheid. Zo nee, dan zullen de C3 samen verder moeten. Even goede vrienden, zal ik dan zeggen. Maar dan wordt het draagvlak voor het college wel heel erg smal.

13.10.04

Opgestapt

Het went nooit, het vertrek van een wethouder. Het is toch een klein menselijk drama. Politiek kan hard zijn, zo blijkt maar weer eens. Het besluit van Gerda van Adrichem (VVD) om op te stappen kwam gisteren als een grote verrassing. Natuurlijk hadden wij in de PvdA ook al eens gespeculeerd over moties van wantrouwen, want ook wij waren niet tevreden over de voortgang die werd geboekt bij het multifunctioneel gebouw in Gouderak. De vraag is echter of het vertrek van een wethouder in dit stadium productief is. Loopt het proces nu niet compleet vast? Aan de andere kant: als burgemeester Hans Oosters, die nu even het dossier MFGG heeft overgenomen, kans ziet de discussie weer vlot te trekken, dan is het vertrek van Gerda toch niet voor niets geweest. Hopen en bidden dus maar.
Iets verder gedacht: wat betekent dit voor de coalitie? Blijft de VVD in het college en schuift ze een nieuwe wethouderskandidaat naar voren, of haakt ze af? En als dat laatste gebeurt, wat dan? Ik kan me nauwelijks voorstellen dat de drie christelijke partijen dan samen verder gaan. Weliswaar hebben CDA, ChristenUnie en SGP bij elkaar zeven van de dertien zetels, de kleinst mogelijke meerderheid dus, maar dat hebben ze slechts te danken aan de verdeling van de restzetels bij de verkiezingen van 6 maart 2002. Samen haalden ze minder dan de helft van het aantal stemmen, terwijl PvdA en VVD samen iets méér dan de helft haalden. Een christelijk college kan dus nooit spreken namens de meerderheid van de Ouderkerkse bevolking. Dat zullen de drie confessionele partijen zich ook wel realiseren. Als de VVD dus afhaakt, ligt het voor de hand dat naar de PvdA als mogelijke partner wordt gekeken, of dat VVD en PvdA samen op zoek gaan naar een derde partner om een nieuwe coalitie te vormen, Kortom, alles ligt open. Maar de sleutel ligt nu even bij de VVD. Het worden een paar spannende dagen.
Overigens 1: Ik vind de manier waarop Gerda is vertrokken, niet chic. Het heeft iets van stiekem via de achterdeur vertrekken, terwijl ze natuurlijk een debat met de raad had moeten aangaan. Pas daarna had ze de conclusies moeten trekken die ze nu heeft getrokken, namelijk dat er onvoldoende steun is voor het collegebeleid.
Overigens 2: De aanleiding voor haar vertrek was de mededeling van de VVD dat die partij niet langer voldoende vertrouwen had in het college (zie deze verklaring). In ‘het college’, dus niet in ‘de wethouder’. In de MFGG-discussie heeft ook SGP-wethouder Leo Barth, hoewel niet politiek verantwoordelijk, zich flink geroerd. Barth is toevallig wél de man in het college die gaat over de financiën en het grondbeleid. Als het nu zo is dat juist de onduidelijkheid over, of de vertraging van de onderhandelingen over de grond voor een MFGG de reden zijn van het geschonden vertrouwen in het college, is dan eigenlijk wel de juiste wethouder opgestapt?

10.10.04

Burgemeester

Al een tijd ligt-ie voor me, de enveloppe van de PvdA met daarop de mededeling: ‘Belangrijk! Deze enveloppe bevat uw stembiljet’ – in grote, opvallende letters. Het is voor het eerst dat de PvdA haar leden direct laat meepraten over een belangrijke kwestie, in dit geval de aanstellingswijze van de burgemeester. Dat de door de Kroon benoemde burgemeester z’n langste tijd heeft gehad, dat staat voor de PvdA inmiddels niet meer ter discussie. De vraag is nu: moet de burgemeester rechtstreeks door de bevolking worden gekozen, of door de gemeenteraad.
Ik twijfel. En daarom ligt die enveloppe nog altijd op mijn bureau, omdat ik geen keuze kan maken. Maar de deadline nadert, dus ik moet een besluit nemen. Niet stemmen, of aangeven dat ik geen mening heb, daar ben ik in ieder geval géén voorstander van.
Mijn hart zegt: laat de burgers maar kiezen. Het is tenslotte hún burgemeester. En in andere landen lukt het ook, dus waarom niet hier? Maar dan moet er wel wat te kiezen zijn natuurlijk. Dan moeten de kandidaten met een eigen, politiek programma de zeepkist op. En als ze dan gekozen worden willen ze dat programma ook gaan uitvoeren natuurlijk. Maar de gemeenteraad heeft ook zo z’n wensen en z’n programma. Als die twee botsen, wat dan? Dan krijg je een competentiestrijd tussen burgemeester en raad en dat is natuurlijk niet goed voor de gemeente. En willen we wel toe naar Franse toestanden, waar de burgemeester toevallig ook de voorzitter van de middenstandsvereniging is, en de voorzitter van de voetbalvereniging, en van de plaatselijke landbouwcoöperatie? En, omdat-ie burgemeester is, ook nog eens hoofd van de politie?
Moet de gemeenteraad dan de burgemeester kiezen? Als je de stelling hanteert, dat de gemeenteraad het hoogste orgaan van de gemeente is, lijkt dat niet meer dan terecht. Maar dan wordt de burgemeester een pion van de raad. En wie is die raad eigenlijk? Is dat de meerderheid plus 1 die dan bepaalt wie de burgemeester wordt? Of moet die keuze breed, het liefst raadsbreed worden gedragen. Laat je de burgemeester door de raad kiezen, dan wordt het burgemeesterschap per definitie een politiek ambt terwijl de burgemeester juist bóven de partijen zou moeten staan. Dus dan toch maar die rechtstreekse verkiezing?
U merkt, ik worstel. Maar ik moet een besluit nemen, liefst vandaag nog.
Het is het eeuwige dilemma van het hoofd en het hart. Het hart zegt: laat de bevolking haar eigen burgemeester kiezen. Het hoofd zegt: niet doen, dan bestaat de kans dat populisten die toch al veel posities in de plaatselijke samenleving bekleden, nog meer voor het zeggen krijgen. Te veel macht geconcentreerd in één persoon is nooit goed.Ik volg het hoofd. Een burgemeester moet gecorrigeerd kunnen worden door de raad, en dus moet de raad die burgemeester ook kiezen. Maar dan moeten de politieke partijen zich in hun verkiezingscampagne ook duidelijk voor een kandidaat uitspreken, dan weten de kiezers in ieder geval wat ze kunnen verwachten. Ik ga nu mijn stem uitbrengen.

3.10.04

Kleur

Wat een dag! In Amsterdam lieten vakbeweging én PvdA zien dat ze het demonstreren nog niet verleerd zijn. Kleur het Museumplein rood, zo had Wouter Bos PvdA’ers opgeroepen. En dat is gelukt. Moet je als kleine afdeling normaliter grote moeite doen om (tegen betaling!) bij het partijbureau in Amsterdam campagnemateriaal los te peuteren, op het Museumplein werden ballonnen, petjes en vlaggen kwistig uitgedeeld. Het heeft gewerkt, want het Museumplein wás rood. De hele binnenstad trouwens, links Nederland had Amsterdam gedurende bijna een hele zaterdag in de greep. De massa die was afgekomen op de Dwaze Dagen van de Bijenkorf ging als een nietige druppel onder in de oceaan van mensen die van de verschillende treinstations al dan niet via de Dam naar het Museumplein stroomde. De demonstratie was indrukwekkend. Behalve misschien voor het autistische kabinet, vrees ik. Hoe dan ook, het was een mooie dag, zaterdag. Een dag waarop de PvdA duidelijk kleur bekende. Ik had dit niet graag willen missen.

30.9.04

Dodenweg

Nog even terugkomend op de ontwikkelingen rond de Zuidwestelijke Randweg en de gevolgen van een keuze voor variant 3. Gisteravond nog eens goed naar de milieueffectrapportage gekeken en hoe langer ik erover nadenk, hoe groter de verontwaardiging. Het is ongelooflijk maar het staat er écht, op pagina 95, onder ‘Effectbeschrijving alternatief 3’ (dat is, voor alle duidelijkheid, het tracé via het Sluiseiland waarvan de hele politiek behalve de PvdA Ouderkerk en GroenLinks Gouda zo’n fervent voorstander zijn): als voor dit tracé wordt gekozen, neemt het aantal gewonden en doden (‘letselgevallen’, staat er eufemistisch) op het stuk dijk ten westen van de weg toe (dat is tussen dorp Gouderak en het punt waar de ZWR de rivier oversteekt). Want de weg heeft een aanzuigende werking waardoor het aantal auto’s dat van Ouderkerk en Gouderak richting Gouda (en terug) gaat, toeneemt tot 15.300 per etmaal. Vijftienduizenddriehonderd, over die smalle dijk waar zich nu al dagelijks vele bijna-ongelukken voordoen! Wat nu dreigt te gebeuren is, dat Ouderkerk miljoenen euro’s gaat betalen voor een weg waarvan het Ouderkerks belang sowieso al discutabel is, en daar een dodenweg voor terugkrijgt. Dat is de omgekeerde wereld: als je betaalt, zou de situatie voor je eigen bevolking juist veiliger moeten worden. Hoe gaan de andere partijen, die dit traject zo graag willen, dat uitleggen aan hun kiezers? Ik zal vast een suggestie aandragen: beding in ieder geval dat over de hele lengte van de dijk tussen Gouderak en de ZWR een fietspad wordt aangelegd. Dat kan heel gemakkelijk op de plaatsen waar nu bedrijven zijn gevestigd. Het is vooral het bedrijfsleven dat is gebaat bij de ZWR – dan moeten ze in ruil daarvoor ook maar een paar meter grond afstaan voor een fietspad. En waar geen bedrijven zitten moet de dijk maar verbreed worden, op kosten van de provincie bijvoorbeeld. Als het verkeer in Gouda door de ZWR veiliger wordt, dan mogen wij op z’n minst voor die miljoenen toch hetzelfde in Ouderkerk verlangen?

29.9.04

Moegestreden

Gisteren al vernam ik het via de e-mail, vandaag stond het ook in de regionale kranten. De Werkgroep Gouda-Krimpenerwaard staakt haar jarenlange strijd voor een milieuvriendelijke variant van de Zuidwestelijke Randweg (tracé 5) en gaat nu ‘meedenken’ met de gemeenten Gouda en Ouderkerk over de dijkvariant (tracé 3). Ik zal er geen doekjes om winden: het is een gevoelige slag voor de PvdA Ouderkerk. Heel lang zijn we schouder aan schouder opgetrokken om te voorkomen dat het unieke natuurgebied de Veerstalblokboezem onherstelbare schade zou oplopen als gevolg van de randweg. De Werkgroep bouwde in die tijd een indrukwekkende hoeveelheid kennis en kunde op en deelde die graag met ons. Het waren belangrijke bouwstenen voor onze politieke lijn, evenals de informatie die wij kregen van organisaties als Milieudefensie en het Zuid-Hollands Landschap. Jammer dat de politiek de argumenten vóór de milieuvriendelijke variant heeft genegeerd. Als straks ook het Zuid-Hollands Landschap moegestreden is en niet langer gefrustreerd wil worden door de politiek, die in Ouderkerk althans weigert een serieus debat over de milieu- en natuuraspecten aan te gaan, dan komt hier de PvdA alleen te staan en moeten ook wij ons gaan bezinnen op de vraag: heeft het zin aan een dood paard te blijven trekken? Of moeten wij ook, net als de Werkgroep, accepteren dat voor de beste variant kennelijk geen politiek draagvlak bestaat en dan maar inzetten op verbeteringen van het dijktracé? We zullen ons daar snel op moeten beraden. Vooralsnog leidt ook de aanvullende MER-rapportage nog wel tot de nodige vragen waarop een antwoord moet komen. Een daarvan wil ik wel vast stellen aan mijn collega-raadsleden: als het klopt dat, als gevolg van de brug ter hoogte van het Sluiseiland, het aantal auto’s tussen dorp Gouderak en die nieuwe brug bijna verdrievoudigt, hoe denken we dan de veiligheid van de fietsende schooljeugd ook op dat deel van de dijk nog te kunnen waarborgen?

23.9.04

Verdienen

Zaterdag kwam de PvdA-fractie eindelijk weer eens toe aan wat ik de belangrijkste taak van gemeenteraadsleden vind: praten met, en natuurlijk luisteren naar de inwoners van de gemeente. De aanleiding was de braderie in Gouderak, maar het zou natuurlijk veel vaker moeten gebeuren, ook op ‘gewone’ dagen. Alleen: die volle agenda’s hè.
Een steeds terugkerende ergernis is het fenomeen, dat ambtenaren of collegeleden op het gemeentehuis denken te kunnen beslissen over de agenda’s van de raadsleden – daarbij nauwelijks rekening houdend met het feit dat veel raadsleden ook gewoon werken. Pas nog, de afscheidsvergadering van burgemeester Hermans. Die werd op vrijdagmiddag gehouden, met als gevolg dat twee mensen van de PvdA-fractie er niet bij konden zijn. En vorige week moesten van de raadsleden foto’s worden gemaakt, voorafgaand aan de raadsvergadering. Of we maar om zeven uur konden komen, in plaats van acht uur. Nee dus, want als ik thuiskom wil ik ook nog even eten en met vrouw en kinderen praten over hun belevenissen van die dag. Quality time heet dat, maar daar heb je als raadslid heel weinig van. En deze week kreeg ik een telefoontje van het gemeentehuis of ik voor een kennismakingspraatje met de nieuwe burgemeester langs wilde komen. Niet ’s avonds natuurlijk, stel je voor, maar overdag. Voor één keer heb ik een uitzondering gemaakt, maar hierbij waarschuw ik burgemeester Oosters vast dat het geen gewoonte moet worden.
Het klinkt allemaal nogal klagerig, maar wanneer je al jaren achtereen wordt geacht op te draven wanneer anderen dat nodig vinden, begint dit onderdeel van het raadswerk je behoorlijk tegen te staan. Als we er nou nog voor betaald kregen…
Praten over je eigen portemonnee is gênant, dat hoort niet, het heeft al gauw iets hebberigs. Toch doe ik het nu, zodat voor iedereen duidelijk is wat wij in Ouderkerk ongeveer ‘verdienen’. Per jaar ontvangen wij 2814 euro, plus een kleine 500 euro onkostenvergoeding. Trek daar fiscale inhoudingen, de bijdrage aan de landelijke PvdA en aan de plaatselijke afdeling van af en je houdt net genoeg over om je benzine te betalen. Ik heb eens uitgerekend dat Gouderakse raadsleden (vanwege het gependel naar en van het gemeentehuis) jaarlijks zo’n kleine duizend kilometer voor de gemeente afleggen. Daar gáát de onkostenvergoeding. En waar andere gemeenten nog wel eens pc’s, mobiele telefoons en vergaderruimte beschikbaar stellen aan fracties, is daarvan in Ouderkerk geen sprake. Ook dat moet uit eigen zak worden betaald, evenals de vrije dagen die we moeten opnemen in verband met raadsverplichtingen.
Pleit ik nu voor meer geld? Absoluut niet, maar wel voor een beetje meer begrip voor de praktijk van een gemiddeld raadslid. Minder ‘verplichtingen’ voor de gemeente zou al een stuk helpen, waardoor er meer tijd beschikbaar komt voor het contact met de bevolking die wij worden geacht te vertegenwoordigen. Commissie- en raadsvergaderingen moeten gewoon doorgaan, maar fotosessies, afspraken met de burgemeester, onderonsjes tussen fractievoorzitters, ad-hoc werkgroepen en interne discussies over het eigen functioneren moeten de uitzondering zijn, niet de regel. En laten we nou ook eens het geld dat het Rijk beschikbaar heeft gesteld om van het lokaal bestuur een actieve democratie te maken, gebruiken. Daarvan ligt in Ouderkerk inmiddels al 30.000 euro op de plank, ongebruikt. Laten we daar eindelijk eens iets mee gaan dóen, bijeenkomsten organiseren, pamfletten drukken, folders of krantjes maken, anything. Als we de mensen om wie het gaat maar bereiken, want daar slagen we tot nu toe absoluut onvoldoende in.

15.9.04

Het H-woord

Als ik mijn ex-collega Hans van Raalte van de Goudsche Courant moet geloven, hoeft Ouderkerk niet blij te zijn met waarnemend burgemeester Hans Oosters, omdat hij deze gemeente ‘er wel eventjes bij doet’. Natuurlijk hebben we het daar met Oosters over gehad, vorige week toen we als fractievoorzitters met hem spraken. Lukt dat je wel, twee gemeenten? Het burgemeesterschap is immers geen lullig baantje, je moet er wel wat voor doen.
Liever had ik ook een volwaardige burgemeester gehad, maar erg logisch was dat niet geweest in dit stadium. Laten we wel wezen: als straks uit de bestuurskrachtmetingen van de vijf Krimpenerwaardgemeenten en uit de evaluatie van de K5-samenwerking blijkt, dat de gemeenten niet in staat zijn hun taken goed uit te voeren, dan moet je toch de mogelijkheid van een herindeling onder ogen durven zien. Er komt een moment dat het H-woord uit de taboesfeer moet worden getrokken. En wat heeft het dan voor zin om voor die paar jaar hier een nieuwe burgemeester te benoemen? Blijkt echter dat de gemeenten heel goed functioneren, dan kunnen we alsnog de vacature openstellen.
Zaterdag is er braderie in Gouderak en de PvdA zal daar peilen of de inwoners van het dorp zich eerder inwoner van de Krimpenerwaard of inwoner van Ouderkerk voelen. Ik durf de uitslag al te voorspellen: natuurlijk voelen zij zich allemaal in de eerste plaats Gouderakker, maar daarna toch vooral Krimpenerwaarder en dan pas, op grote afstand, Ouderkerker. Ook daar hoeven we geen doekjes om te winden. Bijna twintig jaar na de herindeling van de Krimpenerwaard voelt bijna geen enkele Gouderakker zich Ouderkerker – zoals geen Ammerstollenaar zich inwoner van Bergambacht zal voelen, en geen Stolwijker zich Vlistenaar noemt. Maar ze hebben wel allemaal iets gemeen: de Krimpenerwaard. En dus is één gemeente niet eens zo’n gekke gedachte.
Of, en dat is misschien voor de Krimpenerwaard wel de beste oplossing: maak de herindeling van 1985 ongedaan en laat weer elf gekozen gemeente- of dorpsraden (what’s in a name?) bepalen wat goed is voor hun dorp. Want mensen moeten hun volksvertegenwoordigers wel kennen en kunnen aanspreken. Voeg daarnaast alle ambtenaren samen in één grote, deskundige organisatie die de gemeenteraden adviseert en ondersteunt. Als we de voordelen van een grote gemeente kunnen combineren met een grotere betrokkenheid van de inwoners van het gebied bij hun bestuur, dan kunnen we een grote slag maken.

13.9.04

Welkom

Het is dus uiteindelijk niet Dick de Cloe geworden, maar een andere PvdA’er die de komende maanden, anderhalf jaar misschien wel, het Ouderkerkse roer in handen krijgt: Hans Oosters, de burgemeester van Bergambacht die Ouderkerk ‘er bij’ gaat doen. Vorige week hadden de Ouderkerkse fractievoorzitters in Bergambacht, na afloop van de afscheidreceptie van Jon Hermans, een indringend gesprek met (toen nog) de kandidaat-waarnemer. Over zijn persoon bestond geen discussie, links en rechts waren het erover eens dat Oosters een goed bestuurder is die ook – héél belangrijk – voor de burgers gemakkelijk aanspreekbaar is. Meer twijfel was er over de vraag: hoe vertellen we het de burger? Hoe kunnen wij politici met droge ogen uitleggen dat de benoeming van de burgemeester van Bergambacht in buurgemeente Ouderkerk, niets heeft te maken met een toekomstige herindeling?
Tja… Los van de vraag of een herindeling gewenst is of ongewenst (ik neig naar het eerste, maar binnen de fractie zijn de meningen daarover nog verdeeld), we moeten sowieso afwachten wat al die onderzoeken naar de bestaande samenwerking en de bestuurskracht opleveren. Als die aantonen dat het geheel van de Krimpenerwaard meer is dan de som van de vijf afzonderlijke gemeenten, dan moeten we ook het perspectief van een herindeling onder ogen durven zien. Maar als blijkt dat Ouderkerk heel goed in staat is z’n eigen boontjes te doppen, ja dan komt de vacature voor een volwaardige burgemeester voor Ouderkerk weer in beeld. Tot die tijd moeten we het doen met Hans Oosters. Dat klinkt somber, zo is het niet bedoeld. Ik heb er alle vertrouwen in. Hans, welkom in Ouderkerk!