28.2.06

Lampje

Verkiezingstijd is altijd buitengewoon boeiend. Dat vindt de pers ook, want ze stort zich gretig op de plaatselijke politici. Vandaag kreeg ik de jongste editie van Het Kontakt onder ogen. Met daarin een paginagroot interview met Leo Barth, de nummer 3 van de SGP bij de gemeenteraadsverkiezingen van 7 maart. Leo is ambitieus en wordt daarbij niet gehinderd door enige vorm van bescheidenheid. Hij sluit niet uit dat hij de eerste burgemeester van een nieuwe gemeente Krimpenerwaard wordt. Maar wacht eens even, de SGP is toch zo tégen die gemeentelijke herindeling? Of ziet Leo Barth nu toch het onvermijdelijke daarvan in en begint hij alvast een lobby voor zichzelf, voor het geval dat?
Nu is Leo ook wethouder van Ouderkerk. Een zeer bekwáme man, zou Wim Kan gezegd hebben, iemand aan wie ik in ieder geval mijn portemonnee wel zou toevertrouwen. Als gemeenteraad hebben we dat ook gedaan, hij gaat over de gemeentefinanciën. Dat doet hij heel behoorlijk. Maar om dan ook gelijk voor het burgemeesterschap te gaan…
Een goede burgemeester kan niet zonder bepaalde eigenschappen. Hij moet een bindende figuur zijn, zich kunnen inleven in wat leeft onder de mensen, begaan zijn met zijn burgers, vertrouwen wekken maar ook gezag en autoriteit uitstralen. Je IQ kan nog zo hoog zijn, zonder een goed ontwikkeld EQ (sociale intelligentie, zelfkennis, empathie) ben je niet geschikt voor het ambt van burgemeester. Ik durf de stelling wel aan, dat het EQ voor die functie zelfs nog belangrijker is dan het IQ. En aan EQ ontbreekt het Leo Barth. Ik heb hem dat ook wel eens gezegd, dus dit kan voor hem geen verrassing zijn.
Misschien kun je een EQ ontwikkelen, ik weet het niet. Dan moet hij daar maar hard aan gaan werken. Hij heeft nog vier jaar, voor die nieuwe gemeente Krimpenerwaard in 2010 een feit is. En dan krijgen we ook nog de gekozen burgemeester. Dan moet hij de zeepkist op, in de strijd tegen – wie weet – Arie van Erk uit Bergambacht, of Jan Beugelaar uit Schoonhoven, of wie weet welke kandidaten zich dan nog meer aandienen. Misschien heb ik tegen die tijd ook wel zin in iets anders, zeg nooit nooit.
Echte kennis begint met zelfkennis. Een Chinees spreekwoord zegt: als je geen ster aan de hemel kunt zijn, wees dan een lampje in je huis. Lampjes zijn heel nuttig, als je kleine cijfertjes in een begroting goed wilt lezen bijvoorbeeld. En het leuke van lampjes is, dat je ze ook uit kunt zetten. Of kunt vervangen - als de kiezer dat wil.

23.1.06

Kerktoren

Een tijdje geleden werd mijn aandacht getrokken door een paar krantenberichten over de gemeente Buren, in Gelderland. Buren betaalt al sinds 1798 het onderhoud van de kerktorens. Dat is een uitvloeisel van een wet van Napoleon, die vond dat kerktorens een militaire functie hadden (uitkijkpost) en bij calamiteiten ook door de burgerlijke overheid moesten worden gebruikt (als alarmklok, maar ook als schuilplaats bij hoog water). Dus was het logisch dat de gemeente voor het onderhoud van die torens opdraaide. Nu was een wakkere ambtenaar erachter gekomen, dat die wet van Napoleon een paar jaar later, in 1830, alweer was teruggedraaid en dat de gemeente sinds die tijd ten onrechte voor de kerktorens betaalt. En dat wil de gemeente niet meer, begrijpelijk.
Ook in Ouderkerk aan den IJssel staat het onderhoud van de kerktoren op de gemeentelijke begroting. Geen wonder, dat mijn interesse door deze berichtgeving uit het Gelderse werd gewekt. Ik heb al eerder bepleit dat het niet meer van deze tijd is dat een overheid opdraait voor het onderhoud van een kerkgebouw. Zou ook Ouderkerk bijna twee eeuwen hebben zitten slapen?
Navraag bij het Kadaster lijkt dit te bevestigen. In het Kadastraal bericht eigendom, dat ik via internet heb opgevraagd, staat het duidelijk: het object Kalverstraat 1 is eigendom van de Hervormde Gemeente te Ouderkerk aan den IJssel. Om zekerheid te krijgen belde ik toch maar even met de Rotterdamse vestiging van het Kadaster. ‘Als u het echt zeker wilt weten, moet u de eigendomsakte raadplegen’, vertelde de man van het Kadaster.
Die eigendomakte heb ik via de gemeente opgevraagd. Van de secretaris kreeg ik prompt een envelop retour met daarin een kopie van een contract van 9 november 1798 (het jaar klopt met Napoleon!), waarin inderdaad staat dat de afscheiding der kerk van den toorn behoord te geschieden. Dat is nog niet alles. In de envelop zit ook een kopie van de ‘onderhandse verklaring van verjaring’, een notarieel document uit maart 1998, waarin de toenmalige burgemeester Theo Bakkers en de heren Jan Piet Baas en Nico Holdermans van het College van Kerkvoogden verklaren dat de gemeente ‘door verjaring eigenaar is geworden van een perceel grond met de daarop staande kerktoren’. Een ‘onafgebroken bezit van meer dan tien jaren’ had tot de verjaring geleid.
Zaak gesloten? Nou nee. Want de gemeente wás toch al eigenaar, waarom moest dit dan in 1998 alsnog worden vastgelegd? En ik heb nu wel kopieën gekregen van interessante documenten, maar nog altijd niet de eigendomsakte van het Kadaster waar ik om had gevraagd. Wordt dus nog vervolgd.
De kerktoren is belangrijk voor het dorp. Maar ik blijf van mening, dat de overheid niet hoort te betalen voor een kerktoren. We hebben niet voor niets een scheiding tussen kerk en staat.

8.1.06

Dierenambulance

Als ik de dierenambulance zie rijden, zeg ik altijd gekscherend: ‘Die is weer onderweg naar een eend met een verstuikte enkel.’
De dierenambulance is voor mij een van de uitwassen van de moderne tijd, een serie verschijnselen waarin ook het organiseren van stille tochten voor door zinloos geweld omgekomen honden past. Begrijp me goed: ik ben dol op dieren. Ik geniet van de vogels in mijn achtertuin en kan geen poes passeren zonder het beest een aai te geven. Als kind hadden wij altijd katten in huis. Twee daarvan zijn dood gereden op de dijk - maar toen was er geen dierenambulance die de lijkjes kwam ophalen. Het beeld van mijn vader, die met een doos thuis kwam met daarin het stoffelijk overschot van Gompie, raak ik nooit meer kwijt. We hebben hem in de tuin begraven, zonder hulp van vrijwilligers van de dierenambulance en we kregen ook geen psychologische nazorg.
Ik heb wel eens gevloekt op de Tiendeweg, toen ik aan het eind van een lange werkdag naar huis fietste en mijn weg versperd zag door de dierenambulance. Een tractor, vooruit, die hoort in de polder. Vertraging door een kudde koeien die worden verkampt? Het is niet prettig, maar ook dat mag je daar verwachten. Maar een obstakel als de dierenambulance, waardoor ik werd gedwongen over de modderige slootkant te lopen (mét een fiets aan de hand) – daar kon ik op dat moment geen begrip voor opbrengen. Of de noodsituatie een schaap in de sloot betrof, een niezende zwaan of een eend die het slachtoffer was geworden van een groepsverkrachting door een stel hitsige woerden – ik weet het niet en ik wil het niet weten ook.
Dit is een kleine persoonlijke ergernis waarmee ik absoluut niet het werk van de dierenambulance en haar vrijwilligers op de hak wil nemen. Natuurlijk zijn er gevallen denkbaar waarin de inzet van deze voorziening nuttig is. Als ik een hond langs de dijk zie kreperen, zou ik ook de dierenambulance bellen.
Hoe kom ik op dit onderwerp? In een besluitenlijst van het college las ik, dat B en W welwillend staan tegenover het verzoek van de dierenambulance om een financiële bijdrage van de gemeente. Daar wil ik toch wel een paar vraagtekens bij zetten. Tik op Google de woorden subsidie en dierenambulance in, en dan blijkt dat bijna geen enkele dierenambulance in Nederland subsidie van de overheid krijgt. De dierenambulances worden betaald door sponsors, leden, giften en de opbrengsten van collectes – en zo hoort het ook. Subsidies van de gemeente zijn bedoeld voor organisaties die een algemeen maatschappelijk belang dienen en je kunt je afvragen of dat ook geldt voor de dierenambulance. Slechts een enkele dierenambulance krijgt geld van een gemeente, maar daar staat tegenover dat zij een gemeentelijke taak overneemt, zoals het ophalen van kadavers. Als we dit soort activiteiten outsourcen, dan vind ik dat prima. En dan maakt het mij niet uit of dat gebeurt door een destructiebedrijf of de dierenambulance. Maar extra gemeenschapsgeld uitgeven om een kat uit de boom te laten halen, dat gaat mij te ver.

2.1.06

Wouter

Ere wie ere toekomst: Ruud Koole en Wouter Bos hebben als partijvoorzitter en politiek leider de PvdA intern op orde gebracht. Het zurige sfeertje is verdwenen, er wordt intern volop gediscussieerd, de leden tellen weer mee. Het politbureau in de Amsterdamse grachtengordel heeft de ramen open gezet en luistert nu naar die duizenden PvdA’ers die niet in Amsterdam wonen of op het Binnenhof werken. Wouter kan zijn energie nu richten op het premierschap in 2007, waarvoor hij zich nadrukkelijk kandidaat heeft gesteld. En Ruud is weg, opgevolgd door Michiel van Hulten. Michiel is een uitgesproken voorstander van een linkse coalitie met GroenLinks en SP. Wouter niet. Dat gaat gedonder geven in de partij, de komende tijd. Want Wouter wil met het CDA verder, in 2007. Zei hij in de Telegraaf: “Je kijkt niet alleen met wie je het goed eens kan worden, je kijk ook naar een breed draagvlak. Bij moeilijke beslissingen is het belangrijk dat je zo veel mogelijk steun hebt in het parlement en in de samenleving. Dus samenwerking met grote partijen heeft dat voordeel boven samenwerking met kleine.”
Er dreigt dus een clash te ontstaan tussen Michiel en Wouter. En tussen Wouter en een heel groot deel van zijn eigen achterban, die wél met GroenLinks en SP wil proberen eindelijk eens een écht sociaal beleid van de grond te krijgen. Wouter heeft het afgelopen jaar getoond te kunnen luisteren naar zijn partijgenoten, ik hoop dat hij dat in 2006 ook doet. Hij zal de les van het referendum over de Europese Grondwet toch wel geleerd hebben? Wouter en zijn Kamerfractie waren vóór, de PvdA-achterban was tégen. Daar was Wouter achteraf verbaasd over, maar als hij zijn oor toen te luisteren had gelegd in zijn eigen partij had hij dit kunnen weten. Datzelfde geldt nu ook. Laat de leden zich maar uitspreken over de keuze CDA of SP/GroenLinks. Mijn mailbox stroom regelmatig vol met nieuwsbrieven van de partij, een kleine opiniepeiling kan daar best bij.
Trouwens, wat ziet Wouter eigenlijk in het CDA? Hij verwacht dat Balkenende niet terugkeert in de politiek, als hij de verkiezingen verliest. Maar met wie moet hij dan aan de slag? Maxime Verhagen? Gerda Verburg? Brrr…
In een interview zei burgemeester Guusje ter Horst van Nijmegen onlangs, dat politiek erotiseert. Samen moeilijke besluiten nemen, tot in de kleine uurtjes op elkaars lip zitten, drank na afloop, nog even napraten in de kroeg – het kan politici héél dicht bij elkaar brengen. Flirten met Verhagen en Verburg, dat zie ik Wouter nog niet doen. Maar een paar uur aan de bar hangen met Femke Halsema en Jan Marijnissen lijkt mij bepaald geen straf. En politiek moet toch ook leuk blijven?
Wouter moet nog maar eens goed gaan nadenken, het komend jaar. Ik las in zijn boek Dit land kan zoveel beter dat hij in 2002, toen hij zich kandidaat stelde voor het leiderschap van de PvdA, op de vraag waar het hem nu eigenlijk om gaat, antwoordde: ‘De boel bij elkaar houden’. Dat doe je niet door aan te schurken tegen dit CDA van Balkenende en Verhagen. Dat is vragen om problemen.

27.12.05

Fanfare

Mijn oom Adriaan is dood. Gestorven op een mooie leeftijd, zoals dat heet. Na een goed leven. Zaterdag hebben wij hem in zijn woonplaats Berkenwoude begraven. Nou ja, ‘wij’… het dórp heeft hem naar zijn laatste rustplaats gebracht. Dat vraagt enige uitleg.
In 1958 maakte Bert Haanstra zijn beroemde film ‘Fanfare’, over de verwikkelingen in een dorp waarin het plaatselijke muziekkorps Kunst en Vriendschap een centrale rol vervult. De film is een prachtige zedenschets van een dorp uit de tijd dat de veldwachter nog een autoriteit was, men voor de burgemeester de pet afnam en het boerenbedrijf nog romantisch was in plaats van een kwijnende bedrijfstak. Het dorp was een eenheid, in de film weliswaar verscheurd door een ruzie in het muziekkorps maar als het erop aan kwam een hechte gemeenschap waar buitenstaanders met argwaan werden bekeken.
Daar moest ik aan denken, toen ik zaterdag in het Cultureel Centrum van Berkenwoude was.
Mijn oom was jarenlang bestuurslid geweest van de plaatselijke harmonie, D.H.T.S.G. (Altijd dacht ik dat dat stond voor Door Hard Toeteren Sterk Geluid, maar nu hoorde ik dat het Door Hulp Tot Stand Gebracht betekent, wat veel minder leuk is, maar dit terzijde.) De muziek liep als een rode draad door zijn leven. Hij was ooit lid van drie korpsen tegelijk: in Berkenwoude, Stolwijk en Gouderak – gemeentegrenzen betekenden niets voor hem. Repetities eindigden steevast aan de toog van het plaatselijke café. D.H.T.S.G. had de ongeschreven regel, dat er minimaal 24 uur moest zitten tussen een generale repetitie en een uitvoering, vertelde een van de sprekers in het Cultureel Centrum. Gegrinnik in de zaal, iedereen begreep waarom.
De dominee was er ook. Piepjong, nog maar net in Berkenwoude beroepen. Mijn oom moest niets hebben van de kerk, mijn tante wel en dus was de dominee toch bij hem op bezoek geweest. Nadat oom Adriaan de dominee vanaf zijn ziekbed had uitgelegd hoe hij over de kerk dacht, zijn ze als vrienden uit elkaar gegaan. Want, zei de predikant, ‘iedere dominee in Berkenwoude was zijn vriend’.
Muziek, café en kerk – drie belangrijke bindmiddelen van een dorp kwamen zaterdag in het Cultureel Centrum bij elkaar. Ook even later, op de begraafplaats aan het Westeinde. Leden van D.H.T.S.G. droegen de kist en vormden een erehaag. De dominee sprak aan het graf. Het dorp was uitgelopen om mijn oom de laatste eer te bewijzen. Hij had geleefd in en voor het dorp, het was dan ook heel normaal dat het dorp hem uitgeleide deed.
Waarom schrijf ik dit? Omdat ik zaterdag weer besefte hoe belangrijk sociale verbanden zijn voor een kleine gemeenschap. Ik zag hoe een muziekkorps en een kerk een dorp levend kunnen houden – zelfs als de laatste kroeg gesloten is. Mijn neef uit Amsterdam had het gevoel, vijftig jaar in de tijd te zijn teruggeworpen. Mooi, vond hij. En dat was het ook.
'Perkouw' liet die zaterdagmorgen zien waar het fenomeen ‘dorp’ voor staat.Op het moment dat de kist zakte, verwarmde de zon de stille groep op de begraafplaats. Alleen de vogels maakten geluid, zoals het hoort. De dood was zo nabij, maar zelden ervoer ik het leven sterker dan op dat moment.

20.12.05

Integratie

Vanavond was ik in De Drie Maenen in Ouderkerk aan den IJssel, waar mijn dochter moest optreden tijdens een kerstbijeenkomst. Behalve door haar dwarsfluitgroepje werden muziek en zang verzorgd door koren en muziekverenigingen uit Gouderak en Ouderkerk aan den IJssel. Even rondkijkend in de zaal zag ik veel Gouderakse gezichten. ‘Integratie geslaagd’, zei iemand tegen me. ‘Ja, mág het alsjeblieft, 20 jaar na de herindeling van 1985?’ was mijn eerste reactie.
Maar er even over nadenkend: zó normaal is het niet, dat Ouderkerkse en Gouderakse verenigingen samen een avond verzorgen. Niet voor niets ging ook burgemeester Thieu van de Wouw in zijn toespraakje even in op dit bijzondere feit. Lof dus voor de organisatie, die deze avond heeft verzorgd. Voor herhaling vatbaar. Ik zou zeggen: volgend jaar in Gouderak. Maar ja, daar is helaas geen geschikte ruimte. Nog niet. Dat multifunctioneel gebouw moet er dus maar gauw komen, mét wat mij betreft een nieuwe sporthal à la De Drie Maenen. Of vraag ik nu weer te veel?

19.12.05

Koopzegeltjes

Mark Twain zei het als eerste: My country, right or wrong, my country! Waarmee hij maar wilde zeggen: wat mijn land ook doet, het is míjn land. Een variant daarop hoorden we een tijdje geleden toen de toenmalige Amsterdamse wethouder Rob Oudkerk, die dacht dat de microfoons van de cameraploeg dicht stonden, sprak over ‘kut-Marokkanen’. Waarop burgemeester Cohen repliceerde: ‘Maar het zijn wel ónze kut-Marokkanen’.
Drie weken geleden sprak ik oud-Kamerlid, oud-staatssecretaris en oud-burgemeester Siepie de Jong. Sinds het PvdA-congres eerder deze maand is zij vice-voorzitter van de PvdA. We spraken over haar partij (ik in mijn rol als onpartijdig journalist) en ik vroeg haar of ze nooit de behoefte had gehad, haar lidmaatschap op te zeggen. Ze reageerde bijna verontwaardigd. Natuurlijk niet, het was toch háár partij. Ze heeft veel aan de PvdA te danken en daarom is ze loyaal aan die club.
My party, right or wrong, my party!
Ik herken dat wel. Soms maak ik wel eens een linkser vakje rood bij verkiezingen, omdat ik weer eens teleurgesteld ben in de PvdA. Toen Wim Kok in Den Haag aan het bewind was, bijvoorbeeld. Of bij de Statenverkiezingen, toen de PvdA zich weigerde uit te spreken tegen het milieuonvriendelijke tracé van de Zuidwestelijke Randweg. Maar mijn lidmaatschap opzeggen… dat gaat ver. De PvdA is míjn partij en ondanks haar vele fouten blijft er genoeg over waar ik me wel in kan vinden en waar ik me voor wil blijven inzetten.
Daarom snap ik ook niets van mensen die met ogenschijnlijk groot gemak switchen van de ene naar de andere partij. Toen in de vorige raadsperiode veel Ouderkerkse CDA’ers overstapten naar de ChristenUnie was ik verbijsterd. En nu ben ik dat weer, nu ik zie dat op de derde plaats van de kandidatenlijst van de ChristenUnie iemand staat die ik ken als burgerlid van een commissie – voor het CDA.
Ben ik ouderwets, is partijtrouw niet meer van deze tijd? Is de politiek ook al onderdeel geworden van de zapcultuur en ruilen we net zo makkelijk van partij als van supermarkt? Krijg je koopzegeltjes bij de ChristenUnie? Of korting op het lidmaatschap van de kerk? Een diner-voor-twee bon? Zou ik overstappen, als er in Ouderkerk een GroenLinks of een SP zou opstaan? Ik denk van niet. Af en toe vreemdgaan door anders te stemmen, vooruit. Maar de PvdA blijft mijn partij, goed of fout. Het is soms een kut-partij, maar wel míjn kut-partij.

14.12.05

Stijf en truttig

Twee maanden geleden schreef ik op deze plek over de Belgische vice-premier Freya Van den Bossche. Een vrouw naar mijn hart, bekende ik toen. Ik vind haar steeds leuker worden. In het kerstnummer van Vrij Nederland dat binnenkort verschijnt, haalt ze flink uit naar haar Nederlandse collega’s. Stijf, truttig en kleinburgerlijk, noemt zij onze ministers. ‘Is Balkenende 49? Zou je niet zeggen. Die droeg op zijn negentiende waarschijnlijk al zo’n gestreept pak.’ En over Donner: ‘Jezus, wat kijkt hij plechtig uit zijn ogen. Is hij van adel?’
Heerlijk, dat onverbloemde taalgebruik. En ze heeft nog gelijk ook natuurlijk.
En hoe reageren onze ministers? Kleinzielig. Een Belgenmop, noemde Gerrit Zalm het. En Hans Hoogervorst (u weet wel, die minister die dat kotsgebaar maakte toen Wouter Bos in de Tweede Kamer aan het woord was) deed net alsof hij nog nooit van de jonge Belgische vice-premier had gehoord. Een beginnersfout, noemde hij haar uitspraken. Moet hij zeggen, wie maakt er nou de echte fouten?
Een tijdje geleden ruilden de Nieuwerkerkse burgemeester André Bonthuis en zijn collega van het Duitse Bückeburg, Edeltraut Müller, een weekje van positie. Hij ging naar Duitsland, zij kwam naar Nederland. Het zou een goed idee zijn om dat op kabinetsniveau ook eens te doen. Laat Freya de ramen maar eens open zetten om een frisse wind door de Trêveszaal te laten waaien. Zij is minister van begroting, dus ze kan Zalm vervangen. Dan mag ze de Belgische premier Guy Verhofstadt meenemen, zodat Balkenende de Belgen wat normen en waarden kan bijbrengen. De Belgen mogen dan hier blijven tot het kabinet-Bos aantreedt. Dat zal vast een stuk minder stijf en truttig zijn.

8.12.05

Geheim

Toen ik anderhalf jaar geleden bij Dell online een nieuwe computer bestelde, had ik er geen idee van dat mijn internetgedrag door anderen werd gevolgd. Ik had het wel kunnen weten, want de massa virussen en spyware die mijn oude pc hadden geïnfiltreerd was een van de belangrijkste redenen om tot mijn nieuwe aankoop over te gaan. Ook mijn telefoon deed af en toe beetje raar. Dan piepte ’ie even en er ging een lampje knipperen. Typisch Siemens, dacht ik, en besteedde er verder geen aandacht aan.
Een paar minuten nadat ik mijn computer in de grijze container had gekieperd, stopte voor mijn deur een grote leasebak. Een man in een lange regenjas en een gleufhoed op stapte uit, keek schichtig rond en dook toen in de container. Met zichtbare moeite haalde hij mijn oude Compaq eruit, legde ’m op de achterbank van zijn auto en gooide er snel een deken over. En nog had ik geen argwaan. Het gebeurt wel vaker dat mensen op vrijdag het vuil afstruinen op zoek naar iets bruikbaars. Dat zelfs rijders van grote leasebakken dat deden, dat was natuurlijk wel vreemd.
Op de harde schijf van mijn oude computer stond veel persoonlijke informatie. Over bijvoorbeeld mijn nachtelijke bezoeken aan extreem-linkse cellen in Gouda, die plannen hadden om de Zuidwestelijke Randweg bij Gouda met geweld te saboteren. Foto’s in compromitterende situaties, zoals van dat etentje met projectontwikkelaar Van Erk in een Bergambachts restaurant. Duidelijk is te zien dat híj betaalt. E-mailverkeer met partijgenoten in de regio, over een mogelijke afsplitsing van de PvdA en de oprichting van een nieuwe, linksere partij. Dossiers met gevoelige informatie die ik in de loop der jaren had opgebouwd over VVD-fractievoorzitter John Peters, toenmalig burgemeester Jon Hermans en SGP-wethouder Leo Barth. Vertrouwelijke correspondentie over freelancewerk voor Al Jazeera. Een dagboek, waarin ik uitgebreid schrijf over mijn stiekeme fietstochtjes door de polder – zonder kleren, voor de kick. Intieme mailtjes van een collega.
Ik vertel het maar vast, voor Peter R. de Vries het doet. Ik weet zeker dat die diskettes die hij vond in de ingeleverde leasebak van die geheim agent, informatie van mijn oude Compaq bevatten. Ik las het zelf in de Volkskrant: het ging over lokale politici in extreem-linkse kringen. De Vries mag het niet naar buiten brengen, omdat het staatsgeheimen zouden zijn. Hem kennende, doet hij dat zondag toch in zijn televisieprogramma. Maar ik heb nu de primeur.

2.12.05

Beetje laat

Een vertrekkend bestuurder kan blijkbaar meer zeggen dan collega’s van wie de houdbaarheidsdatum nog niet is verstreken. Bij haar afscheid als burgemeester van Schoonhoven hield Dorothé Wassenberg deze week een onversneden pleidooi voor gemeentelijke herindeling van de Krimpenerwaard. Een piece of cake, volgens haar, omdat de afgelopen jaren al het nodige voorwerk is verricht. Ze gruwde van het oncontroleerbare gedrocht dat nu lijkt te ontstaan, de gemeenschappelijke regeling die allerlei taken van de vijf gemeenten gaat overnemen maar niet direct door de inwoners kan worden gekozen. Een reus op lemen voeten wordt het, een bureaucratische moloch die eerder belemmerend zal werken bij het werk dat de komende jaren moet gebeuren dan daar behulpzaam bij is. Kortom, stop geen energie meer in een Krimpenerwaardraad of Krimpenerwaardbestuur, maar gooi het roer om richting herindeling.
Waarom heeft Wassenberg dat niet eerder geroepen, toen ze nog als burgemeester in full swing was en met haar vier collega’s aan het roer zat? Waarom nu pas? Was ze bang teruggefloten te worden door haar raad? Daar zou een burgemeester toch boven moeten staan. Gelukkig wordt ze opgevolgd door Dick de Cloe, een erkend voorstander van één gemeente Krimpenerwaard – mét dorpsraden.
Ik hoop dat Dick de daad bij het woord van Dorothé gaat voegen. Want hoewel ze er laat mee kwam, had Wassenberg natuurlijk volstrekt gelijk. Wat zich op het zogenaamde K5-niveau afspeelt, onttrekt zich volledig aan de waarneming van de inwoners van de gemeenten. Zelfs als raadslid kan ik het allemaal niet goed meer volgen. Daarom worden we volgende week ook weer bijgepraat op een ‘radenconferentie’. Zonde van de tijd en energie, we zijn gekozen om voor Ouderkerk te werken en niet voor een ingewikkelde regeling die, ook daar had Wassenberg gelijk in, ook nog eens ten koste gaat van de dienstverlening aan de eigen inwoners. Daar moeten we als raadsleden niet aan willen meewerken.
Volgende week gaat de PvdA in Ouderkerk de laatste punten en komma’s goed zetten in het verkiezingsprogramma voor de periode 2006-2010. Daarin komt, als het aan mij ligt, een pleidooi voor één gemeente Krimpenerwaard. Maar niet zoals we het in 1985 hebben gedaan. Eén gemeente, ja – maar tegelijk ook investeren in het karakter en de eigen bestuurskracht van de verschillende kernen. Breng het bestuur zo dicht mogelijk bij de mensen zelf, op dorpsniveau. Als we dát voor elkaar kunnen krijgen, en gelukkig zie ik die beweging ook bij de partijgenoten in andere gemeenten, dan zie ik nog wel iets moois ontstaan.

23.11.05

Eng

Wat is de Krimpenerwaard toch voor raar gebied?
Op internet vond ik het nieuws, dat verontruste streekgenoten met de politie hadden gebeld omdat ze allemaal kruisen en cirkels op de huizen hadden aangetroffen. Wat moeten die mensen gedacht hebben? Dat er heksen rondwaren in de polder die overal hun mystieke runentekens aanbrengen? Dat de Krimpenerwaard Gods toorn heeft gewekt en dat Hij, net als Hij ooit deed in Egypte, alle eerstgeborenen komt doden behalve in de gemerkte huizen? Geheimschrift van graffitispuitende jongeren? Arabische tekens die een terreuraanslag aankondigen? Neonazi’s die variëren op de swastika? Je weet het maar nooit, we leven in moeilijke tijden.
De geheimzinnige tekens zijn niets anders dan een boodschap van kinderen. Het Sinterklaasjournaal had gemeld dat het Pietenhuis was verdwenen en dat de knechten van de Sint nu nergens konden slapen. Als er ergens nog een bed over was, dan moest je dat met een cirkel op het huis aangeven. Zijn alle bedden bezet, teken dan een kruis.
Sinterklaas is katholiek en daarvan zijn er niet zoveel in de Krimpenerwaard, maar dat is toch geen reden om in paniek de politie te bellen?
Minister Sybilla Dekker van VROM heeft op haar ministerie ook een cirkel getekend. ‘Ik dacht: ik wil dit huisvestingsprobleem oplossen. De gevangenis in Hoorn staat leeg. Maar dat is na het Sinterklaasjournaal van maandag natuurlijks niks voor de Pieten. Daarom bied ik Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten mijn ministerie in Den Haag aan’, meldt ze in een persbericht.
Kijk, daar word ik weer een beetje vrolijk van. Nu de voordeur van het ministerie van Rita Verdonk nog. Maar dat zal wel een kruis worden. De verleiding is groot om ‘brandend kruis’ te schrijven, maar voor je het weet heb je een proces-verbaal wegens smaad aan je broek.
De Krimpenerwaard mag dan raar zijn, Nederland begint eng te worden.

20.11.05

Jokken

De VVD heeft een nieuwsbrief huis-aan-huis bezorgd. Daarin staan interessante opmerkingen van vooraanstaande Ouderkerkse liberalen. Zo neemt fractievoorzitter John Peters een voorschotje op het bestemmingsplan IJsseldijk-West, in het bijzonder op de bestemming van de groenstrook aan de Abelenlaan. Waar dat kerkgebouw ooit zou komen. Die strook moet groen blijven, stelt de VVD. Da’s mooi, dat vindt de PvdA namelijk ook. Het lijkt mij verstandig dat het college met dat politieke feit al vast rekening houdt, vóór het concept-bestemmingsplan naar de raad wordt gestuurd. Anders krijgen we weer een discussie waar veel tijd en energie in gaan zitten, die slecht is voor het aanzien van de politiek en waarvan de uitkomst bij voorbaat al vast staat.
Op pagina 3 van de nieuwsbrief komt voorzitter Henk Lammertse aan het woord. Hij heeft de verkiezingsprogramma’s van de verschillende partijen van vier jaar geleden er nog eens bijgepakt en concludeert, dat de VVD zich als enige aan haar verkiezingsbeloften heeft gehouden en gedaan heeft wat ze wilde doen.
Nou, daar valt wel iets op af te dingen.
Ik heb het verkiezingsprogramma van de VVD niet meer bij de hand, maar op de website van de PvdA Ouderkerk staat wel een vergelijking van de vijf programma’s en daar kan ik een aardig beeld van het VVD-programma uit vormen. Zomaar een paar dingen uit het VVD-lijstje van beloften:
Ouderkerk moet zelfstandig blijven, maar wel inzetten op K5-samenwerking. Het was de VVD die een paar jaar geleden als eerste ronduit pleitte voor een fusie van de vijf Krimpenerwaardgemeenten. Dat is prima, de PvdA vindt dat inmiddels ook een goede zaak, maar het stond niet in het verkiezingsprogramma van de liberalen.
Er moet een haalbaarheidsonderzoek komen naar een fietspad langs de dijk. Het college lijkt nu voorzichtige stappen in die richting te zetten, maar dat komt vooral door het aandringen van PvdA en ChristenUnie, niet van de VVD.
De VVD bepleitte inzet van ICT op alle beleidsterreinen en op vragen van burgers moet binnen tien dagen worden gereageerd. Ik waag te betwijfelen of dat nu inderdaad gebeurt.
Een actief volksgezondheidsbeleid. Is dat er? Er is een nota ja, maar die is in K5-verband opgesteld. Niet bepaald iets waarmee Ouderkerk zich profileert, en al helemáál geen VVD-succes. Want die nota is gewoon een wettelijke verplichting.
Betere voorzieningen voor honden om overlast door hondenpoep tegen te gaan. Daarbij denk ik aan batterijen speciale hondenpoepafvalbakken, schepjes die gratis worden uitgedeeld, een duidelijk beleid waar honden wel en waar ze niet mogen poepen. Ik merk er niets van, maar als de VVD zegt dat ze heeft gedaan wat ze wilde dan moet het er allemaal wel zijn. Want de VVD heeft zich aan haar beloften gehouden.
Even serieus, iedere partij wil graag laten zien wat ze heeft gedaan en waarom ze beter is dan andere partijen. Maar dan moet ze geen loopje met de waarheid nemen. Het is ook helemaal geen schande, dat niet alles is gelukt. Dat geldt voor iedere partij. Ook de PvdA heeft dat niet voor elkaar gekregen. Daar zal de PvdA in haar nieuwe verkiezingsprogramma ook eerlijk over zijn. En dan zullen ook wij weer beloften doen waarvan we over vier jaar moeten zeggen: jammer, maar het is niet allemaal gelukt. Als je daar een goed verhaal bij hebt, begrijpen de Ouderkerkers dat heus wel. Ze zullen er in ieder geval meer waardering voor hebben dan voor een partij die aantoonbaar jokt over haar prestaties. In liefde en oorlog is alles toegestaan, in een verkiezingscampagne blijkbaar ook.
Nog één ding over de nieuwsbrief. Ria Boere zegt in haar stukje over het multifunctioneel gebouw Gouderak, dat de toenmalige VVD-wethouder Gerda van Adrichem ‘op alle fronten alleen is gelaten en op geen enkele wijze is gesteund’. Onze waarheid ziet er iets anders uit. De wethouder wist zich steeds gesteund door een ruime meerderheid van de gemeenteraad, waaronder VVD en PvdA. Maar dat gegeven heeft zij niet gebruikt om in het college steun te krijgen. Zij stond in het college alleen, dat is iets anders dan ‘op alle fronten’. Zoals de VVD het nu schrijft, lijkt het alsof de wethouder iedere politieke steun ontbeerde. Daarvan was geen sprake.

15.11.05

Kretologie

Ik correspondeer dezer dagen veel met de voorzitter van de kerkenraad van de Hervormde Gemeente in Ouderkerk aan den IJssel, de heer Arie Geneugelijk. Hij had mijn weblog van 21 september gelezen, waarin ik onder meer schreef dat de Hervormde Gemeente de Hersteld Hervormde Gemeente op straat had gezet. De HHG wil immers een nieuw gebouw, omdat zij vanaf 1 januari de grote Dorpskerk niet meer mag huren. Dat had ik helemaal fout, zei de heer Geneugelijk, en of ik maar op wilde houden met kretologie en het schrijven van onwaarheden. Waarop hij mij een exemplaar van De Kerkbode stuurde waarin uit de doeken wordt gedaan hoe de vork precies in de steel zit. Volgens de Hervormde Gemeente dan. Ik zal hier niet vertellen wat er allemaal in staat, u kunt het zelf lezen.
De nieuwe informatie heeft mij gesterkt in mijn opvatting, dat beide kerkbesturen als volwassen mensen met elkaar moeten gaan praten om samen die prachtige dorpskerk zo goed mogelijk te benutten. Waarom het gebouw een groot deel van de zondag leeg laten staan? Zo lang dat het geval is, kan je van de overheid toch niet in redelijkheid verwachten dat zij meewerkt aan de bouw van een nieuwe kerk. Ik kan me wel vinden in de kop boven het stuk in de Volkskrant: ‘Nog een kerk erbij? Ja dáág, drie is zat.’
Goed, iets anders nu. Vorige week de begroting 2006 behandeld en we hebben als PvdA niet onaardig ‘gescoord’. Een van de voorstellen van de PvdA die de raad heeft overgenomen is de duidelijke uitspraak, dat de Schanspolder nog altijd de eerste voorkeurslocatie is voor de aanleg van een nieuwe begraafplaats. Ondanks dat het college al een tijd probeert de raad op andere gedachten te brengen, omdat de provincie niet wil meewerken. Die wil van de Schanspolder een natuurgebied maken en dat gaat niet samen met een begraafplaats, denkt de provincie. De gemeenteraad denkt daar heel anders over.
Ik vind dat de gemeenteraad hier indringend met de verantwoordelijke gedeputeerde over moet praten. Het kan niet zo zijn dat de provincie bepaalt wat goed is voor de gemeente, dat behoort de raad te doen. Best mogelijk dat ooit in een Hollandsche IJsselverdrag is afgesproken dat op die plek natuur moet worden ontwikkeld, maar zo’n opvatting heeft geen eeuwigheidswaarde en inzichten veranderen. Daar moet een gedeputeerde naar luisteren. Iedereen heeft er de mond van vol dat meer naar de basis moet worden geluisterd, dat gemeenten het best zelf kunnen uitmaken wat goed voor hen is. Dan past het niet om dat vanuit een provinciehuis arrogant af te doen met een soort veto. Zo horen we als overheden niet met elkaar om te gaan. De gedeputeerde moet ten minste bereid zijn naar onze argumenten te luisteren.
Vandaag kreeg ik een mailtje van het college. Binnenkort komt de gedeputeerde voor een werkbezoek naar Ouderkerk. Een paar mensen van de raad, de fractievoorzitters, mogen dan wel even, na afloop, aanschuiven om met de gedeputeerde te praten. Wat een gunst, alsof we op audiëntie mogen komen! Mijn collega-fractievoorzitters lijken hier wel voor te voelen. Ik niet. De raad nodigt de gedeputeerde uit en bepaalt de spelregels, dat moet niet worden omgedraaid. Daarmee doe je jezelf als raad tekort en neem je je eigen positie niet serieus. Praten met de gedeputeerde? Graag! Maar dan wel serieus, en niet in een achterkamertje aan het eind van een werkbezoek, als de dienstauto van de gedeputeerde al met draaiende motor staat te wachten.

4.11.05

Krant

Soms staat er niets in de krant. Maar er zijn ook dagen dat je het ene na het andere interessante bericht tegen komt. Zoals vandaag in de Volkskrant.
‘Balkenende weigert wet te tekenen’, las ik. Een Kamermeerderheid wil nog deze regeerperiode het referendum mogelijk maken, maar ‘onze’ (dat zeggen ze dan, hij is premier van alle Nederlanders maar ik heb dat gevoel helemaal niet) premier wil zijn handtekening er niet onder zetten. Dit kabinet toont zich al heel lang doof voor wat de samenleving wil, dit is het zoveelste voorbeeld van arrogantie van de macht. Wedden dat hij er nog mee wegkomt ook, Balkenende, net als Donner en Verdonk na de Schipholbrand? ‘Het personeel heeft adequaat gehandeld’, zei Verdonk nadat elf mensen in de vlammen van het cellencomplex waren aangekomen. Het wordt tijd dat de Kamer eens ‘adequaat’ handelt en dit kabinet in rook doet opgaan.
Op de voorpagina een sinistere foto van een brandende Parijse voorstad. Ook daar luistert de regering niet naar de noden van haar volk dat nu in opstand komt. De rellen verspreiden zich over het land en vanavond hoorde ik het woord ‘burgeroorlog’ al vallen. Goed kijken Balkenende, dat kan gebeuren als je je hoofd van de samenleving blijft afwenden.
Maar het hoogtepunt van de krant stond natuurlijk op pagina 2. Een halve pagina over de kerkstrijd in Ouderkerk aan den IJssel, en dat in een landelijke kwaliteitskrant. De journalist gaat niet alleen in op de spanningen tussen de verschillende (kerkelijke) bevolkingsgroepen, ook het gemeentebestuur krijgt er flink van langs. ‘Als je een feestje wilt houden, wacht je drie maanden op een vergunning. Maar als je even niet oplet, staat er wél een kerk.’ De indruk van geritsel en vriendjespolitiek is snel gewekt. SGP-wethouder Leo Barth doet er nog een schepje bovenop. In de discussie over de kerk heeft hij zich steeds keurig stil gehouden, bang als hij was te worden beschuldigd van belangenverstrengeling. Chapeau! Maar waarom heeft hij wel tegen de Volkskrant gezegd dat de politiek de omwonenden van de Abelenlaan, waar het kerkgebouw dreigde te komen, heeft aangezet? De mensen zelf ontkennen het, maar Barth ziet de lijntjes wél. ‘Dit heeft weinig met geloof te maken, veel meer met politiek.’
Beste Leo, bijna álles is politiek. Niemand heeft ooit gezegd dat de acties tegen het kerkgebouw aan de Abelenlaan een geloofskwestie waren. Natúúrlijk was het politiek: in de eerste plaats omdat de politiek had beloofd dat de grond groen zou blijven, en in de tweede plaats omdat iets politiek wordt zodra mensen in beweging komen en bij de politiek aankloppen. Dan mág de politiek niet stil blijven zitten, dan moet ook zij in actie komen. In Ouderkerk luisteren VVD, CDA en PvdA in ieder geval nog naar de bevolking, anders dan premier Balkenende en de Franse minister Sarkozy.
Ik daag de wethouder uit met bewijzen te komen voor zijn stelling dat de acties van omwonenden van de Abelenlaan door de politiek zijn opgezet. Kan hij dat niet, dan moet hij dit terugnemen. Of zeggen dat hij verkeerd geciteerd is, dat kan ook.
Barth is niet de enige. De net vertrokken burgemeester Hans Oosters schijnt het ook gezegd te hebben, in een ‘geheime brief’ aan de Commissaris van de Koningin. ‘De raad doet maar wat en hitst de bewoners op tegen het college’, parafraseert de Volkskrant. Dat is een harde beschuldiging. Hierover is het laatste woord nog niet gezegd.'
Voor wie meer wil weten: het artikel uit de Volkskrant én de bijbehorende video zijn te vinden op www.ouderkerk.pvda.nl.

31.10.05

Guerrillawiet

Sinds kort bekijk ik de polder met andere ogen. Meestal zie ik de weilanden vanaf de fiets, maar tegenwoordig loop ik hard. Althans, ik ben begonnen aan een stoutmoedige poging om mijn conditie op te krikken, in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen. Van hardlopen krijg je energie, zeggen ze. Dat heb je nodig om er weer vier jaar tegenaan te gaan. En het verzet de zinnen. Ik word tijdens het lopen niet afgeleid door telefoontjes, e-mails en andere prikkels en dan ga ik vanzelf over andere dingen nadenken. Over mezelf bijvoorbeeld. Van Kooten en De Bie zongen het ooit al: ‘Zoek jezelf, vind jezelf, wees en blijf alleen jezelf.’
Altijd goed om meer over jezelf te weten. Curro ergo sum. Ik loop, dus ik besta.
Zoals je op de langzame routes nationales in Frankrijk veel meer ziet van het land dan vanaf de snelle tolwegen naar het zuiden, zo vallen lopend meer zaken op dan fietsend. Om één voorbeeld te noemen: de maïs. Als ik de Snippejagerskade afloop kom ik, net voorbij de Tiendweg, langs een maïsveld. Dat was er vroeger niet. Als je loopt, merk je ook pas hoe groot zo’n perceel is. Het duurt best even voor je aan het eind bent. Daar staat dus veel maïs. En het is niet de enige plek in de Krimpenerwaard. De maïs rukt op. Willen we dat? Ik gun de boeren, die het niet makkelijk hebben, graag een alternatieve bron van inkomsten. Maar betekent dat ook, dat het weidse polderlandschap door de hoge maïs mag worden ontsierd? Het lijkt mij een schone taak voor de K5 om de maïsteelt te reguleren.
Op mijn bureau ligt nog een oud krantenknipsel uit Trouw. ‘De verborgen wereld van het maïsveld’, staat erboven. Het gaat over de opkomst van buitenwiet. Guerrillawiet wordt het ook wel genoemd, omdat het verborgen is tussen andere gewassen. Maïs dus, want maïs en wiet houden van elkaar. Bemesting en zuurgraad van beide planten liggen dicht bij elkaar, lees ik. En als je de wietplanten in één lijn met zet met de maïs, vallen ze niet op, ook niet vanuit de lucht.
Hoeveel guerrillawiet zou er in de Krimpenerwaard groeien? Laten we niet vergeten: vroeger werd er ook veel hennep verbouwd, toen voor de touwslagerijen. Een Fremdkörper is het dus niet.
Boeiende kwestie om tijdens het lopen over na te denken. Een probleem van buitenwiet is wel, dat het wordt ontdekt als de maïs net iets eerder wordt geoogst dan de wiet. Dan valt de camouflage weg. ‘Ach, dan zijn de koeien er goed mee’, zegt een wietplanter in het krantenartikel. Krijgen ze behalve snijmaïs ook hasjmaïs te eten. De komende tijd toch eens opletten of de koeien mij vrolijker dan anders nastaren…

22.10.05

Emotie

De dood maakt overuren in de PvdA. Twee iconen gestorven in twee dagen tijd. Is links leven ook gevaarlijk leven? Het lijkt erop.
Met André van der Louw en Karin Adelmund raakt de PvdA twee authentieke sociaal-democraten kwijt. Mensen die niets moesten hebben van academisch geëmmer over abstracte vraagstukken, maar het liefst met hun poten in de modder stonden, recht voor z’n raap zeiden waar het op stond en echt betrokken waren bij de mensen voor wie de partij zich traditioneel sterk maakt. Jan ‘in gelul kan je niet wonen’ Schaefer was ook zo iemand – en ook te jong gestorven, net als Karin Adelmund.
Ik heb Karin op partijcongressen in actie gezien en toen zij staatssecretaris van onderwijs was, heb ik haar geïnterviewd. Voor je naar een interview gaat, vorm je als journalist een beeld van je gesprekspartner. Meestal blijkt dat beeld te kloppen, soms niet. Nu kende ik Karin een beetje vanuit de partij, maar ik had haar nooit persoonlijk gesproken. Mijn beeld was vooral gevormd door haar optredens op tv, krantenartikelen en natuurlijk haar aanwezigheid op partijbijeenkomsten. Ik wist dat ze snel sprak, niet lang nadacht over antwoorden en zonder omhaal meestal tot de kern van een probleem zou komen. Tegen mijn gewoonte in had ik daarom een bandrecordertje meegenomen. Dat was geen overbodige luxe. Dankzij de geruststellende gedachte dat het bandje meeliep, kon ik mij meer op de staatssecretaris concentreren, op haar non-verbale gedrag, haar mimiek, haar ogen. Daaruit spraken strijdbaarheid, gedrevenheid, boosheid ook als het ging om zaken waarvan zij vond dat die niet deugden, die oprecht waren, zo authentiek als je tegenwoordig zelden meer ziet. Het is deze dagen vaker gezegd: als politiek emotie is, dan was Adelmund daarvan het levende bewijs.
De mensen die blijvend indruk op mij hebben gemaakt na een interview, zijn op de vingers van een hand te tellen. Karin Adelmund was er een van. Toen ik na het gesprek weer buiten stond en mijn pet van journalist verruilde voor die van PvdA’er, dacht ik: zó hoort politiek te worden bedreven. Met passie, met emotie. Maar het is helaas weinigen gegeven. En áls ze het kunnen, gaan ze te vroeg dood. Maar diezelfde passie zorgt er wel voor dat ze niet snel worden vergeten. De oneliner van Jan Schaefer is legendarisch geworden. De tranen die Karin Adelmund vergoot in de Tweede Kamer verdienen hetzelfde lot.
Om met mijn Schoonhovense partijgenoot Jan Beugelaar te spreken: dag mooi goed mens...

20.10.05

Voorzitter

Ruud Koole stapt op als partijvoorzitter en alle PvdA-leden hebben een stembiljet in de bus gekregen om zijn opvolger te kiezen. Een mailtje van een collega, óók lid van de partij, dwong mij ertoe mij even in de kandidaten te verdiepen. Want stemmen op een persoon doe je niet lichtvaardig, toch?
Zij schreef: Leo, geef 'ns PvdA-stemadvies voor het voorzitterschap... Annemarie Goedmakers? Anne Marie Hoogland? Michiel van Hulten? Hans Logtens? Nr 1 en 3 ken ik, die andere niet.
Ik heb haar het volgende geantwoord:
Annemarie Goedmakers lijkt me niet verkeerd, getuige dit interview uit NRC. Feministe en voorvechtster van duurzame energie, klinkt niet slecht. En vasthoudend, ook niet verkeerd. Nadeel: oud (57, sorry).
Anne Marie Hoogland: niet mijn keus, te ‘Amsterdams’. Ik heb een aangeboren antipathie tegen PvdA’ers die zich nooit buiten de grachtengordel laten zien. Ook de steunbetuigingen op haar website zijn bijna allemaal van Amsterdammers. Weet ze wel dat er ook zoiets als Gouderak bestaat? I doubt it!
Michiel van Hulten: hij krijgt mijn stem. Ik zag hem in een tv-debat waarin ze alle vier zaten en hij sprong er als de meest linkse uit, dat mag ik wel. Jong, energiek en slim (cum laude London School of Economics!) Veel ervaring met campagnevoeren. Hij heeft ook een leuke uitstraling. Is belangrijk, het moet niet alleen van Wouter komen!
Hans Logtens: geen inhoud, onbekend, geen uitstraling. Een geboren verliezer! In een interview met Rood
zegt hij ook helemaal niets.
Dus 1 of 3, toevallig de twee die jij al kent. En dan ga ik voor de jongste!
Hoop dat je er iets aan hebt!

Leo

19.10.05

Gezellig

Dit weekend was ik in Mechelen. Aan de Frederik de Merodestraat, een van de straten die uitkomen op de Grote Markt, is het kantoor van de plaatselijke SP.A gevestigd, de Vlaamse zusterpartij van de PvdA. Op de gevel staat met grote letters ‘Socialisme zal gezellig zijn of niet zijn!’ Dat de populaire Steve Stevaert die one-liner een paar jaar geleden had gelanceerd, was mij bekend. Ik wist niet, dat de SP.A er ook haar officiële wapenspreuk van had gemaakt. Hoe dan ook, het spreekt me wel aan.
In Mechelen kocht ik het dagblad De Morgen, omdat er een groot artikel in stond over de wijnbeurs die in Brussel werd gehouden. Dat artikel viel een beetje tegen, maar het werd ruimschoots gecompenseerd door een twee pagina’s groot interview met Freya Van den Bossche, de vrouw die als een komeet omhoog schiet in de Belgische politiek en sinds een paar dagen vice-premier is in de regering-Verhofstadt. Zij is niet alleen mooi, ze heeft ook het hart op de tong en stoort zich niet aan conventies in de politiek. De eerste keer dat ze naar een bijeenkomst van de Jongsocialisten ging was meteen de laatste keer. ‘Een uur zaten ze daar te emmeren over het bezit van productiemiddelen. We zijn toen maar snel een pint gaan pakken met een paar vrienden’.
Gezellig.
Ze zegt meer zinnige dingen. Zoals: ‘Dat je zoveel geduld moet hebben voor je iets gedaan krijgt, dat is het moeilijkste. Socialisten zijn van nature ongeduldig. De dag dat ik geduldig word, moet je mij maar vervangen door iemand anders.’ Een vrouw naar mijn hart. Ik zou best ook eens een pint met haar willen pakken. Gezellig.
Het interview was ook confronterend. Freya is de dochter van oud-minister Luc Van den Bossche. Zij groeide dus op in een politiek milieu en moest niets hebben van al die mannen in streepjespakken die bij haar thuis over politiek kwam praten. De politiek beheerste het leven in huize-Van den Bossche, haar vader was altijd aan het werk. ‘Ik begreep niet waarmee mijn vader zijn tijd zat te verdoen.’
Begrijpen míjn kinderen het wel? Een feit is dat ook bij mij thuis de politiek vaker dan gewenst de gesprekken beheerst. Feit is ook dat het mij niet altijd in dank wordt afgenomen als ik wéér een avond weg moet voor een vergadering. Gezellig? Niet bepaald. Ik had me dan ook rotsvast voorgenomen na deze raadsperiode te stoppen. Na twaalf jaar, met een pauze van vier jaar, vond ik het wel genoeg.
En tóch heb ik op het allerlaatste moment gezegd dat ik weer beschikbaar ben voor de kandidatenlijst. Waarom? Omdat de komende vier jaar belangrijk zijn voor de gemeente: de Zellingwijk, de Dorpsvisies, het multifunctioneel gebouw, de fusie van de K5-gemeenten – stuk voor stuk belangrijke dossiers die nu moeten worden uitgevoerd. Daar wil ik me voor inzetten. En omdat, laat ik daar ook eerlijk over zijn, er weinig andere kandidaten zijn die bereid zijn zich voor de gemeenteraad vrij te maken.
Gelukkig hebben de Vlamingen mij geleerd dat socialisme, dat politiek ook gezellig kan zijn. Nee, gezellig móet zijn. En als de politiek weer gezellig wordt, werkt dat thuis ook door. Hoop ik. Misschien dat mijn kinderen later begrijpen waarom ik toch in 2006 weer kandidaat was voor de raad. Misschien zelfs dat zij, net als Freya Van den Bossche, later zelf ook ‘iets’ in de politiek gaan doen. Freya heeft niet de ambitie in de schoenen van haar vader te staan. Haar ‘politieke vader’ heet Frank Beke, zegt zij in De Morgen. Beke is de burgemeester van Gent, de stad waar zij vijf jaar geleden als wethouder onderwijs haar eerste stappen in de politiek zette. Maar, voegt ze er aan toe: ‘Mijn pa heeft mij wel met de fiets leren rijden. Dat is ook belangrijk hoor.’
Gelukkig heb ik mijn kinderen ook leren fietsen, jaren geleden. Nu zitten ze alweer op de middelbare school en moeten ze andere dingen leren. Daar hebben ze hun vader niet altijd bij nodig. Maar áls ze hem nodig hebben, moet hij er wel voor hen zíjn en dan moet de politiek maar even wachten. Dat moet kunnen, als je de politiek kunt relativeren zoals de Vlamingen dat doen. Politiek moet ook leuk zijn, anders houd je het niet vol. En als het niet leuk is, loop je weg en ga je iets anders doen. Een pint pakken met je zoon bijvoorbeeld, of naar een concert met je dochter. Gezellig.

21.9.05

Gezond verstand

Het gezond verstand heeft gezegevierd. Het college verleent geen bouwvergunning voor een noodkerk op een stuk grond dat, zoals de omwonenden was beloofd, groen zou blijven. Jammer voor de hersteld hervormde gemeente, maar instemming met de bouwplannen zou definitief het failliet van de Ouderkerkse politiek hebben betekend. Gelukkig heeft het college dat bijtijds ingezien en zich geschaard achter de meerderheid van de gemeenteraad.
Het zou toch ook van de gekke zijn geweest: omdat de PKN (zo heet de club van gefuseerde protestantse kerken sinds 2004) en de hersteld hervormde gemeente (de mannenbroeders die niet zijn meegefuseerd) in Ouderkerk aan den IJssel niet (letterlijk) samen door één deur kunnen, zou er aan de Abelenlaan een gigantisch kerkgebouw moeten verrijzen? Nee, dat zou volstrekt onacceptabel zijn geweest. De kerkbesturen van de PKN en de hersteld hervormde gemeente moeten maar gauw weer eens als volwassen mensen met elkaar gaan praten over het gezamenlijk gebruik van de grote dorpskerk. Dat gebouw staat er toch, dan moet het ook maar zo intensief mogelijk worden gebruikt. Dat gebeurt nu ook, maar vanaf 1 januari heeft de PKN de hersteld hervormden op straat gezet. Gods huis is de inzet van een ordinaire ruzie geworden. Volgens mij zit daar boven Iemand hoofschuddend de perikelen in Ouderkerk aan den IJssel te volgen. Hij snapt er waarschijnlijk evenmin iets van als u of ik.
Uit de categorie Nog Meer Goed Nieuws: de Gouderakse samenleving heeft haar eigen toekomst geschetst in de Dorpsvisie Gouderak. Vooruitlopend op een officiële reactie van mijn partij durf ik nu wel al te stellen, dat het een goede gok is geweest van de gemeente om het schrijven van de visie aan de inwoners van het dorp zélf over te laten. Maandag praten we erover in de commissies van de gemeenteraad. Maar oordeelt u vast zelf: u vindt de Dorpsvisie op www.ouderkerk.nl en op www.ouderkerk.pvda.nl.

8.9.05

Discriminatie

De uitspraak van de rechter dat de SGP geen recht heeft op subsidie van de overheid, omdat vrouwen geen volwaardig lid mogen zijn en zich daarmee schuldig maakt aan discriminatie, komt niet uit de lucht vallen. Al jaren ligt de partij vanwege haar vrouwenstandpunt onder vuur. Maar dat er nu een duidelijke uitspraak ligt van een rechter, kan verregaande consequenties hebben. Ook in Ouderkerk.
Ook zonder subsidie kan een partij nog even doormodderen. Principiële leden – en dat zíjn SGP’ers bij uitstek – zullen uit eigen zak wel bijpassen. Maar hoe lang houden ze dat vol? Ik neem aan dat de uitspraak van de rechter (als die straks door de Hoge Raad eventueel wordt bevestigd) ook gevolgen heeft voor vergoeding van gemeenteraadsleden. Op basis van de omvang van de gemeenteraad krijgt een gemeente van het Rijk geld voor die vergoeding. Het zou buitengewoon inconsequent zijn, als de gemeente dat geld zou geven aan raadsleden van een discriminerende partij. Wat de ene overheid niet mag, mag de andere ook niet. Dan moet je als SGP’er wel héél principieel zijn, als je op eigen kosten twee, drie avonden per week op pad wilt zijn voor de publieke zaak. Dat is thuis, aan vrouw en kinderen, niet uit te leggen. SGP’ers zijn ook mensen en ik denk niet dat zij Het Gezin (in die kringen ook een grote waarde) willen opofferen ten gunste van de politiek.
Ik kreeg gisteren al een mailtje van iemand die zich afvroeg, of de SGP volgend jaar wel mag meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Gevoelsmatig zeg ik: nee. Een partij die discrimineert zou niet mogen bestaan, want handelt in strijd met artikel 1 van de Grondwet (Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.) Een partij die ongrondwettelijk is, hoort niet in een gemeenteraad thuis.
Aan de andere kant is er het principe, dat de kiezers wel uitmaken wie zij in de gemeenteraad kiezen. Die keuzevrijheid van de kiezer is ook veel waard.
Ik vrees dat we voor maart 2006, als de verkiezingen worden gehouden, de discussie nog niet hebben afgerond. De Staat overweegt in hoger beroep te gaan omdat zij een definitieve uitspraak van de Hoge Raad wil. Zo’n procedure duurt wel even. Tot die tijd zullen SGP’ers wel in de raad blijven. Op eigen kosten dan. Want de beslissing van de rechtbank is ‘uitvoerbaar bij voorraad’ verklaard. En dat betekent, dat het instellen van een hoger beroep geen opschortende werking heeft. Met andere woorden: de subsidiekraan wordt subiet dicht gedraaid.