Sinds kort bekijk ik de polder met andere ogen. Meestal zie ik de weilanden vanaf de fiets, maar tegenwoordig loop ik hard. Althans, ik ben begonnen aan een stoutmoedige poging om mijn conditie op te krikken, in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen. Van hardlopen krijg je energie, zeggen ze. Dat heb je nodig om er weer vier jaar tegenaan te gaan. En het verzet de zinnen. Ik word tijdens het lopen niet afgeleid door telefoontjes, e-mails en andere prikkels en dan ga ik vanzelf over andere dingen nadenken. Over mezelf bijvoorbeeld. Van Kooten en De Bie zongen het ooit al: ‘Zoek jezelf, vind jezelf, wees en blijf alleen jezelf.’
Altijd goed om meer over jezelf te weten. Curro ergo sum. Ik loop, dus ik besta.
Zoals je op de langzame routes nationales in Frankrijk veel meer ziet van het land dan vanaf de snelle tolwegen naar het zuiden, zo vallen lopend meer zaken op dan fietsend. Om één voorbeeld te noemen: de maïs. Als ik de Snippejagerskade afloop kom ik, net voorbij de Tiendweg, langs een maïsveld. Dat was er vroeger niet. Als je loopt, merk je ook pas hoe groot zo’n perceel is. Het duurt best even voor je aan het eind bent. Daar staat dus veel maïs. En het is niet de enige plek in de Krimpenerwaard. De maïs rukt op. Willen we dat? Ik gun de boeren, die het niet makkelijk hebben, graag een alternatieve bron van inkomsten. Maar betekent dat ook, dat het weidse polderlandschap door de hoge maïs mag worden ontsierd? Het lijkt mij een schone taak voor de K5 om de maïsteelt te reguleren.
Op mijn bureau ligt nog een oud krantenknipsel uit Trouw. ‘De verborgen wereld van het maïsveld’, staat erboven. Het gaat over de opkomst van buitenwiet. Guerrillawiet wordt het ook wel genoemd, omdat het verborgen is tussen andere gewassen. Maïs dus, want maïs en wiet houden van elkaar. Bemesting en zuurgraad van beide planten liggen dicht bij elkaar, lees ik. En als je de wietplanten in één lijn met zet met de maïs, vallen ze niet op, ook niet vanuit de lucht.
Hoeveel guerrillawiet zou er in de Krimpenerwaard groeien? Laten we niet vergeten: vroeger werd er ook veel hennep verbouwd, toen voor de touwslagerijen. Een Fremdkörper is het dus niet.
Boeiende kwestie om tijdens het lopen over na te denken. Een probleem van buitenwiet is wel, dat het wordt ontdekt als de maïs net iets eerder wordt geoogst dan de wiet. Dan valt de camouflage weg. ‘Ach, dan zijn de koeien er goed mee’, zegt een wietplanter in het krantenartikel. Krijgen ze behalve snijmaïs ook hasjmaïs te eten. De komende tijd toch eens opletten of de koeien mij vrolijker dan anders nastaren…
Leo Mudde was tot 2010 gemeenteraadslid voor de PvdA in Ouderkerk. Nu is hij voorzitter van de afdeling PvdA Krimpenerwaard. Voor de PvdA Zuid-Holland staat hij op de kandidatenlijst voor de Provinciale Statenverkiezingen van 18 maart 2015. Hier geeft hij op persoonlijke titel commentaar op plaatselijke ontwikkelingen en reflecties op de landelijke politiek.
31.10.05
22.10.05
Emotie
De dood maakt overuren in de PvdA. Twee iconen gestorven in twee dagen tijd. Is links leven ook gevaarlijk leven? Het lijkt erop.
Met André van der Louw en Karin Adelmund raakt de PvdA twee authentieke sociaal-democraten kwijt. Mensen die niets moesten hebben van academisch geëmmer over abstracte vraagstukken, maar het liefst met hun poten in de modder stonden, recht voor z’n raap zeiden waar het op stond en echt betrokken waren bij de mensen voor wie de partij zich traditioneel sterk maakt. Jan ‘in gelul kan je niet wonen’ Schaefer was ook zo iemand – en ook te jong gestorven, net als Karin Adelmund.
Ik heb Karin op partijcongressen in actie gezien en toen zij staatssecretaris van onderwijs was, heb ik haar geïnterviewd. Voor je naar een interview gaat, vorm je als journalist een beeld van je gesprekspartner. Meestal blijkt dat beeld te kloppen, soms niet. Nu kende ik Karin een beetje vanuit de partij, maar ik had haar nooit persoonlijk gesproken. Mijn beeld was vooral gevormd door haar optredens op tv, krantenartikelen en natuurlijk haar aanwezigheid op partijbijeenkomsten. Ik wist dat ze snel sprak, niet lang nadacht over antwoorden en zonder omhaal meestal tot de kern van een probleem zou komen. Tegen mijn gewoonte in had ik daarom een bandrecordertje meegenomen. Dat was geen overbodige luxe. Dankzij de geruststellende gedachte dat het bandje meeliep, kon ik mij meer op de staatssecretaris concentreren, op haar non-verbale gedrag, haar mimiek, haar ogen. Daaruit spraken strijdbaarheid, gedrevenheid, boosheid ook als het ging om zaken waarvan zij vond dat die niet deugden, die oprecht waren, zo authentiek als je tegenwoordig zelden meer ziet. Het is deze dagen vaker gezegd: als politiek emotie is, dan was Adelmund daarvan het levende bewijs.
De mensen die blijvend indruk op mij hebben gemaakt na een interview, zijn op de vingers van een hand te tellen. Karin Adelmund was er een van. Toen ik na het gesprek weer buiten stond en mijn pet van journalist verruilde voor die van PvdA’er, dacht ik: zó hoort politiek te worden bedreven. Met passie, met emotie. Maar het is helaas weinigen gegeven. En áls ze het kunnen, gaan ze te vroeg dood. Maar diezelfde passie zorgt er wel voor dat ze niet snel worden vergeten. De oneliner van Jan Schaefer is legendarisch geworden. De tranen die Karin Adelmund vergoot in de Tweede Kamer verdienen hetzelfde lot.
Om met mijn Schoonhovense partijgenoot Jan Beugelaar te spreken: dag mooi goed mens...
Met André van der Louw en Karin Adelmund raakt de PvdA twee authentieke sociaal-democraten kwijt. Mensen die niets moesten hebben van academisch geëmmer over abstracte vraagstukken, maar het liefst met hun poten in de modder stonden, recht voor z’n raap zeiden waar het op stond en echt betrokken waren bij de mensen voor wie de partij zich traditioneel sterk maakt. Jan ‘in gelul kan je niet wonen’ Schaefer was ook zo iemand – en ook te jong gestorven, net als Karin Adelmund.
Ik heb Karin op partijcongressen in actie gezien en toen zij staatssecretaris van onderwijs was, heb ik haar geïnterviewd. Voor je naar een interview gaat, vorm je als journalist een beeld van je gesprekspartner. Meestal blijkt dat beeld te kloppen, soms niet. Nu kende ik Karin een beetje vanuit de partij, maar ik had haar nooit persoonlijk gesproken. Mijn beeld was vooral gevormd door haar optredens op tv, krantenartikelen en natuurlijk haar aanwezigheid op partijbijeenkomsten. Ik wist dat ze snel sprak, niet lang nadacht over antwoorden en zonder omhaal meestal tot de kern van een probleem zou komen. Tegen mijn gewoonte in had ik daarom een bandrecordertje meegenomen. Dat was geen overbodige luxe. Dankzij de geruststellende gedachte dat het bandje meeliep, kon ik mij meer op de staatssecretaris concentreren, op haar non-verbale gedrag, haar mimiek, haar ogen. Daaruit spraken strijdbaarheid, gedrevenheid, boosheid ook als het ging om zaken waarvan zij vond dat die niet deugden, die oprecht waren, zo authentiek als je tegenwoordig zelden meer ziet. Het is deze dagen vaker gezegd: als politiek emotie is, dan was Adelmund daarvan het levende bewijs.
De mensen die blijvend indruk op mij hebben gemaakt na een interview, zijn op de vingers van een hand te tellen. Karin Adelmund was er een van. Toen ik na het gesprek weer buiten stond en mijn pet van journalist verruilde voor die van PvdA’er, dacht ik: zó hoort politiek te worden bedreven. Met passie, met emotie. Maar het is helaas weinigen gegeven. En áls ze het kunnen, gaan ze te vroeg dood. Maar diezelfde passie zorgt er wel voor dat ze niet snel worden vergeten. De oneliner van Jan Schaefer is legendarisch geworden. De tranen die Karin Adelmund vergoot in de Tweede Kamer verdienen hetzelfde lot.
Om met mijn Schoonhovense partijgenoot Jan Beugelaar te spreken: dag mooi goed mens...
20.10.05
Voorzitter
Ruud Koole stapt op als partijvoorzitter en alle PvdA-leden hebben een stembiljet in de bus gekregen om zijn opvolger te kiezen. Een mailtje van een collega, óók lid van de partij, dwong mij ertoe mij even in de kandidaten te verdiepen. Want stemmen op een persoon doe je niet lichtvaardig, toch?
Zij schreef: Leo, geef 'ns PvdA-stemadvies voor het voorzitterschap... Annemarie Goedmakers? Anne Marie Hoogland? Michiel van Hulten? Hans Logtens? Nr 1 en 3 ken ik, die andere niet.
Ik heb haar het volgende geantwoord:
Annemarie Goedmakers lijkt me niet verkeerd, getuige dit interview uit NRC. Feministe en voorvechtster van duurzame energie, klinkt niet slecht. En vasthoudend, ook niet verkeerd. Nadeel: oud (57, sorry).
Anne Marie Hoogland: niet mijn keus, te ‘Amsterdams’. Ik heb een aangeboren antipathie tegen PvdA’ers die zich nooit buiten de grachtengordel laten zien. Ook de steunbetuigingen op haar website zijn bijna allemaal van Amsterdammers. Weet ze wel dat er ook zoiets als Gouderak bestaat? I doubt it!
Michiel van Hulten: hij krijgt mijn stem. Ik zag hem in een tv-debat waarin ze alle vier zaten en hij sprong er als de meest linkse uit, dat mag ik wel. Jong, energiek en slim (cum laude London School of Economics!) Veel ervaring met campagnevoeren. Hij heeft ook een leuke uitstraling. Is belangrijk, het moet niet alleen van Wouter komen!
Hans Logtens: geen inhoud, onbekend, geen uitstraling. Een geboren verliezer! In een interview met Rood zegt hij ook helemaal niets.
Dus 1 of 3, toevallig de twee die jij al kent. En dan ga ik voor de jongste!
Hoop dat je er iets aan hebt!
Leo
Zij schreef: Leo, geef 'ns PvdA-stemadvies voor het voorzitterschap... Annemarie Goedmakers? Anne Marie Hoogland? Michiel van Hulten? Hans Logtens? Nr 1 en 3 ken ik, die andere niet.
Ik heb haar het volgende geantwoord:
Annemarie Goedmakers lijkt me niet verkeerd, getuige dit interview uit NRC. Feministe en voorvechtster van duurzame energie, klinkt niet slecht. En vasthoudend, ook niet verkeerd. Nadeel: oud (57, sorry).
Anne Marie Hoogland: niet mijn keus, te ‘Amsterdams’. Ik heb een aangeboren antipathie tegen PvdA’ers die zich nooit buiten de grachtengordel laten zien. Ook de steunbetuigingen op haar website zijn bijna allemaal van Amsterdammers. Weet ze wel dat er ook zoiets als Gouderak bestaat? I doubt it!
Michiel van Hulten: hij krijgt mijn stem. Ik zag hem in een tv-debat waarin ze alle vier zaten en hij sprong er als de meest linkse uit, dat mag ik wel. Jong, energiek en slim (cum laude London School of Economics!) Veel ervaring met campagnevoeren. Hij heeft ook een leuke uitstraling. Is belangrijk, het moet niet alleen van Wouter komen!
Hans Logtens: geen inhoud, onbekend, geen uitstraling. Een geboren verliezer! In een interview met Rood zegt hij ook helemaal niets.
Dus 1 of 3, toevallig de twee die jij al kent. En dan ga ik voor de jongste!
Hoop dat je er iets aan hebt!
Leo
19.10.05
Gezellig
Dit weekend was ik in Mechelen. Aan de Frederik de Merodestraat, een van de straten die uitkomen op de Grote Markt, is het kantoor van de plaatselijke SP.A gevestigd, de Vlaamse zusterpartij van de PvdA. Op de gevel staat met grote letters ‘Socialisme zal gezellig zijn of niet zijn!’ Dat de populaire Steve Stevaert die one-liner een paar jaar geleden had gelanceerd, was mij bekend. Ik wist niet, dat de SP.A er ook haar officiële wapenspreuk van had gemaakt. Hoe dan ook, het spreekt me wel aan.
In Mechelen kocht ik het dagblad De Morgen, omdat er een groot artikel in stond over de wijnbeurs die in Brussel werd gehouden. Dat artikel viel een beetje tegen, maar het werd ruimschoots gecompenseerd door een twee pagina’s groot interview met Freya Van den Bossche, de vrouw die als een komeet omhoog schiet in de Belgische politiek en sinds een paar dagen vice-premier is in de regering-Verhofstadt. Zij is niet alleen mooi, ze heeft ook het hart op de tong en stoort zich niet aan conventies in de politiek. De eerste keer dat ze naar een bijeenkomst van de Jongsocialisten ging was meteen de laatste keer. ‘Een uur zaten ze daar te emmeren over het bezit van productiemiddelen. We zijn toen maar snel een pint gaan pakken met een paar vrienden’.
Gezellig.
Ze zegt meer zinnige dingen. Zoals: ‘Dat je zoveel geduld moet hebben voor je iets gedaan krijgt, dat is het moeilijkste. Socialisten zijn van nature ongeduldig. De dag dat ik geduldig word, moet je mij maar vervangen door iemand anders.’ Een vrouw naar mijn hart. Ik zou best ook eens een pint met haar willen pakken. Gezellig.
Het interview was ook confronterend. Freya is de dochter van oud-minister Luc Van den Bossche. Zij groeide dus op in een politiek milieu en moest niets hebben van al die mannen in streepjespakken die bij haar thuis over politiek kwam praten. De politiek beheerste het leven in huize-Van den Bossche, haar vader was altijd aan het werk. ‘Ik begreep niet waarmee mijn vader zijn tijd zat te verdoen.’
Begrijpen míjn kinderen het wel? Een feit is dat ook bij mij thuis de politiek vaker dan gewenst de gesprekken beheerst. Feit is ook dat het mij niet altijd in dank wordt afgenomen als ik wéér een avond weg moet voor een vergadering. Gezellig? Niet bepaald. Ik had me dan ook rotsvast voorgenomen na deze raadsperiode te stoppen. Na twaalf jaar, met een pauze van vier jaar, vond ik het wel genoeg.
En tóch heb ik op het allerlaatste moment gezegd dat ik weer beschikbaar ben voor de kandidatenlijst. Waarom? Omdat de komende vier jaar belangrijk zijn voor de gemeente: de Zellingwijk, de Dorpsvisies, het multifunctioneel gebouw, de fusie van de K5-gemeenten – stuk voor stuk belangrijke dossiers die nu moeten worden uitgevoerd. Daar wil ik me voor inzetten. En omdat, laat ik daar ook eerlijk over zijn, er weinig andere kandidaten zijn die bereid zijn zich voor de gemeenteraad vrij te maken.
Gelukkig hebben de Vlamingen mij geleerd dat socialisme, dat politiek ook gezellig kan zijn. Nee, gezellig móet zijn. En als de politiek weer gezellig wordt, werkt dat thuis ook door. Hoop ik. Misschien dat mijn kinderen later begrijpen waarom ik toch in 2006 weer kandidaat was voor de raad. Misschien zelfs dat zij, net als Freya Van den Bossche, later zelf ook ‘iets’ in de politiek gaan doen. Freya heeft niet de ambitie in de schoenen van haar vader te staan. Haar ‘politieke vader’ heet Frank Beke, zegt zij in De Morgen. Beke is de burgemeester van Gent, de stad waar zij vijf jaar geleden als wethouder onderwijs haar eerste stappen in de politiek zette. Maar, voegt ze er aan toe: ‘Mijn pa heeft mij wel met de fiets leren rijden. Dat is ook belangrijk hoor.’
Gelukkig heb ik mijn kinderen ook leren fietsen, jaren geleden. Nu zitten ze alweer op de middelbare school en moeten ze andere dingen leren. Daar hebben ze hun vader niet altijd bij nodig. Maar áls ze hem nodig hebben, moet hij er wel voor hen zíjn en dan moet de politiek maar even wachten. Dat moet kunnen, als je de politiek kunt relativeren zoals de Vlamingen dat doen. Politiek moet ook leuk zijn, anders houd je het niet vol. En als het niet leuk is, loop je weg en ga je iets anders doen. Een pint pakken met je zoon bijvoorbeeld, of naar een concert met je dochter. Gezellig.
In Mechelen kocht ik het dagblad De Morgen, omdat er een groot artikel in stond over de wijnbeurs die in Brussel werd gehouden. Dat artikel viel een beetje tegen, maar het werd ruimschoots gecompenseerd door een twee pagina’s groot interview met Freya Van den Bossche, de vrouw die als een komeet omhoog schiet in de Belgische politiek en sinds een paar dagen vice-premier is in de regering-Verhofstadt. Zij is niet alleen mooi, ze heeft ook het hart op de tong en stoort zich niet aan conventies in de politiek. De eerste keer dat ze naar een bijeenkomst van de Jongsocialisten ging was meteen de laatste keer. ‘Een uur zaten ze daar te emmeren over het bezit van productiemiddelen. We zijn toen maar snel een pint gaan pakken met een paar vrienden’.
Gezellig.
Ze zegt meer zinnige dingen. Zoals: ‘Dat je zoveel geduld moet hebben voor je iets gedaan krijgt, dat is het moeilijkste. Socialisten zijn van nature ongeduldig. De dag dat ik geduldig word, moet je mij maar vervangen door iemand anders.’ Een vrouw naar mijn hart. Ik zou best ook eens een pint met haar willen pakken. Gezellig.
Het interview was ook confronterend. Freya is de dochter van oud-minister Luc Van den Bossche. Zij groeide dus op in een politiek milieu en moest niets hebben van al die mannen in streepjespakken die bij haar thuis over politiek kwam praten. De politiek beheerste het leven in huize-Van den Bossche, haar vader was altijd aan het werk. ‘Ik begreep niet waarmee mijn vader zijn tijd zat te verdoen.’
Begrijpen míjn kinderen het wel? Een feit is dat ook bij mij thuis de politiek vaker dan gewenst de gesprekken beheerst. Feit is ook dat het mij niet altijd in dank wordt afgenomen als ik wéér een avond weg moet voor een vergadering. Gezellig? Niet bepaald. Ik had me dan ook rotsvast voorgenomen na deze raadsperiode te stoppen. Na twaalf jaar, met een pauze van vier jaar, vond ik het wel genoeg.
En tóch heb ik op het allerlaatste moment gezegd dat ik weer beschikbaar ben voor de kandidatenlijst. Waarom? Omdat de komende vier jaar belangrijk zijn voor de gemeente: de Zellingwijk, de Dorpsvisies, het multifunctioneel gebouw, de fusie van de K5-gemeenten – stuk voor stuk belangrijke dossiers die nu moeten worden uitgevoerd. Daar wil ik me voor inzetten. En omdat, laat ik daar ook eerlijk over zijn, er weinig andere kandidaten zijn die bereid zijn zich voor de gemeenteraad vrij te maken.
Gelukkig hebben de Vlamingen mij geleerd dat socialisme, dat politiek ook gezellig kan zijn. Nee, gezellig móet zijn. En als de politiek weer gezellig wordt, werkt dat thuis ook door. Hoop ik. Misschien dat mijn kinderen later begrijpen waarom ik toch in 2006 weer kandidaat was voor de raad. Misschien zelfs dat zij, net als Freya Van den Bossche, later zelf ook ‘iets’ in de politiek gaan doen. Freya heeft niet de ambitie in de schoenen van haar vader te staan. Haar ‘politieke vader’ heet Frank Beke, zegt zij in De Morgen. Beke is de burgemeester van Gent, de stad waar zij vijf jaar geleden als wethouder onderwijs haar eerste stappen in de politiek zette. Maar, voegt ze er aan toe: ‘Mijn pa heeft mij wel met de fiets leren rijden. Dat is ook belangrijk hoor.’
Gelukkig heb ik mijn kinderen ook leren fietsen, jaren geleden. Nu zitten ze alweer op de middelbare school en moeten ze andere dingen leren. Daar hebben ze hun vader niet altijd bij nodig. Maar áls ze hem nodig hebben, moet hij er wel voor hen zíjn en dan moet de politiek maar even wachten. Dat moet kunnen, als je de politiek kunt relativeren zoals de Vlamingen dat doen. Politiek moet ook leuk zijn, anders houd je het niet vol. En als het niet leuk is, loop je weg en ga je iets anders doen. Een pint pakken met je zoon bijvoorbeeld, of naar een concert met je dochter. Gezellig.
21.9.05
Gezond verstand
Het gezond verstand heeft gezegevierd. Het college verleent geen bouwvergunning voor een noodkerk op een stuk grond dat, zoals de omwonenden was beloofd, groen zou blijven. Jammer voor de hersteld hervormde gemeente, maar instemming met de bouwplannen zou definitief het failliet van de Ouderkerkse politiek hebben betekend. Gelukkig heeft het college dat bijtijds ingezien en zich geschaard achter de meerderheid van de gemeenteraad.
Het zou toch ook van de gekke zijn geweest: omdat de PKN (zo heet de club van gefuseerde protestantse kerken sinds 2004) en de hersteld hervormde gemeente (de mannenbroeders die niet zijn meegefuseerd) in Ouderkerk aan den IJssel niet (letterlijk) samen door één deur kunnen, zou er aan de Abelenlaan een gigantisch kerkgebouw moeten verrijzen? Nee, dat zou volstrekt onacceptabel zijn geweest. De kerkbesturen van de PKN en de hersteld hervormde gemeente moeten maar gauw weer eens als volwassen mensen met elkaar gaan praten over het gezamenlijk gebruik van de grote dorpskerk. Dat gebouw staat er toch, dan moet het ook maar zo intensief mogelijk worden gebruikt. Dat gebeurt nu ook, maar vanaf 1 januari heeft de PKN de hersteld hervormden op straat gezet. Gods huis is de inzet van een ordinaire ruzie geworden. Volgens mij zit daar boven Iemand hoofschuddend de perikelen in Ouderkerk aan den IJssel te volgen. Hij snapt er waarschijnlijk evenmin iets van als u of ik.
Uit de categorie Nog Meer Goed Nieuws: de Gouderakse samenleving heeft haar eigen toekomst geschetst in de Dorpsvisie Gouderak. Vooruitlopend op een officiële reactie van mijn partij durf ik nu wel al te stellen, dat het een goede gok is geweest van de gemeente om het schrijven van de visie aan de inwoners van het dorp zélf over te laten. Maandag praten we erover in de commissies van de gemeenteraad. Maar oordeelt u vast zelf: u vindt de Dorpsvisie op www.ouderkerk.nl en op www.ouderkerk.pvda.nl.
Het zou toch ook van de gekke zijn geweest: omdat de PKN (zo heet de club van gefuseerde protestantse kerken sinds 2004) en de hersteld hervormde gemeente (de mannenbroeders die niet zijn meegefuseerd) in Ouderkerk aan den IJssel niet (letterlijk) samen door één deur kunnen, zou er aan de Abelenlaan een gigantisch kerkgebouw moeten verrijzen? Nee, dat zou volstrekt onacceptabel zijn geweest. De kerkbesturen van de PKN en de hersteld hervormde gemeente moeten maar gauw weer eens als volwassen mensen met elkaar gaan praten over het gezamenlijk gebruik van de grote dorpskerk. Dat gebouw staat er toch, dan moet het ook maar zo intensief mogelijk worden gebruikt. Dat gebeurt nu ook, maar vanaf 1 januari heeft de PKN de hersteld hervormden op straat gezet. Gods huis is de inzet van een ordinaire ruzie geworden. Volgens mij zit daar boven Iemand hoofschuddend de perikelen in Ouderkerk aan den IJssel te volgen. Hij snapt er waarschijnlijk evenmin iets van als u of ik.
Uit de categorie Nog Meer Goed Nieuws: de Gouderakse samenleving heeft haar eigen toekomst geschetst in de Dorpsvisie Gouderak. Vooruitlopend op een officiële reactie van mijn partij durf ik nu wel al te stellen, dat het een goede gok is geweest van de gemeente om het schrijven van de visie aan de inwoners van het dorp zélf over te laten. Maandag praten we erover in de commissies van de gemeenteraad. Maar oordeelt u vast zelf: u vindt de Dorpsvisie op www.ouderkerk.nl en op www.ouderkerk.pvda.nl.
8.9.05
Discriminatie
De uitspraak van de rechter dat de SGP geen recht heeft op subsidie van de overheid, omdat vrouwen geen volwaardig lid mogen zijn en zich daarmee schuldig maakt aan discriminatie, komt niet uit de lucht vallen. Al jaren ligt de partij vanwege haar vrouwenstandpunt onder vuur. Maar dat er nu een duidelijke uitspraak ligt van een rechter, kan verregaande consequenties hebben. Ook in Ouderkerk.
Ook zonder subsidie kan een partij nog even doormodderen. Principiële leden – en dat zíjn SGP’ers bij uitstek – zullen uit eigen zak wel bijpassen. Maar hoe lang houden ze dat vol? Ik neem aan dat de uitspraak van de rechter (als die straks door de Hoge Raad eventueel wordt bevestigd) ook gevolgen heeft voor vergoeding van gemeenteraadsleden. Op basis van de omvang van de gemeenteraad krijgt een gemeente van het Rijk geld voor die vergoeding. Het zou buitengewoon inconsequent zijn, als de gemeente dat geld zou geven aan raadsleden van een discriminerende partij. Wat de ene overheid niet mag, mag de andere ook niet. Dan moet je als SGP’er wel héél principieel zijn, als je op eigen kosten twee, drie avonden per week op pad wilt zijn voor de publieke zaak. Dat is thuis, aan vrouw en kinderen, niet uit te leggen. SGP’ers zijn ook mensen en ik denk niet dat zij Het Gezin (in die kringen ook een grote waarde) willen opofferen ten gunste van de politiek.
Ik kreeg gisteren al een mailtje van iemand die zich afvroeg, of de SGP volgend jaar wel mag meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Gevoelsmatig zeg ik: nee. Een partij die discrimineert zou niet mogen bestaan, want handelt in strijd met artikel 1 van de Grondwet (Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.) Een partij die ongrondwettelijk is, hoort niet in een gemeenteraad thuis.
Aan de andere kant is er het principe, dat de kiezers wel uitmaken wie zij in de gemeenteraad kiezen. Die keuzevrijheid van de kiezer is ook veel waard.
Ik vrees dat we voor maart 2006, als de verkiezingen worden gehouden, de discussie nog niet hebben afgerond. De Staat overweegt in hoger beroep te gaan omdat zij een definitieve uitspraak van de Hoge Raad wil. Zo’n procedure duurt wel even. Tot die tijd zullen SGP’ers wel in de raad blijven. Op eigen kosten dan. Want de beslissing van de rechtbank is ‘uitvoerbaar bij voorraad’ verklaard. En dat betekent, dat het instellen van een hoger beroep geen opschortende werking heeft. Met andere woorden: de subsidiekraan wordt subiet dicht gedraaid.
Ook zonder subsidie kan een partij nog even doormodderen. Principiële leden – en dat zíjn SGP’ers bij uitstek – zullen uit eigen zak wel bijpassen. Maar hoe lang houden ze dat vol? Ik neem aan dat de uitspraak van de rechter (als die straks door de Hoge Raad eventueel wordt bevestigd) ook gevolgen heeft voor vergoeding van gemeenteraadsleden. Op basis van de omvang van de gemeenteraad krijgt een gemeente van het Rijk geld voor die vergoeding. Het zou buitengewoon inconsequent zijn, als de gemeente dat geld zou geven aan raadsleden van een discriminerende partij. Wat de ene overheid niet mag, mag de andere ook niet. Dan moet je als SGP’er wel héél principieel zijn, als je op eigen kosten twee, drie avonden per week op pad wilt zijn voor de publieke zaak. Dat is thuis, aan vrouw en kinderen, niet uit te leggen. SGP’ers zijn ook mensen en ik denk niet dat zij Het Gezin (in die kringen ook een grote waarde) willen opofferen ten gunste van de politiek.
Ik kreeg gisteren al een mailtje van iemand die zich afvroeg, of de SGP volgend jaar wel mag meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Gevoelsmatig zeg ik: nee. Een partij die discrimineert zou niet mogen bestaan, want handelt in strijd met artikel 1 van de Grondwet (Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.) Een partij die ongrondwettelijk is, hoort niet in een gemeenteraad thuis.
Aan de andere kant is er het principe, dat de kiezers wel uitmaken wie zij in de gemeenteraad kiezen. Die keuzevrijheid van de kiezer is ook veel waard.
Ik vrees dat we voor maart 2006, als de verkiezingen worden gehouden, de discussie nog niet hebben afgerond. De Staat overweegt in hoger beroep te gaan omdat zij een definitieve uitspraak van de Hoge Raad wil. Zo’n procedure duurt wel even. Tot die tijd zullen SGP’ers wel in de raad blijven. Op eigen kosten dan. Want de beslissing van de rechtbank is ‘uitvoerbaar bij voorraad’ verklaard. En dat betekent, dat het instellen van een hoger beroep geen opschortende werking heeft. Met andere woorden: de subsidiekraan wordt subiet dicht gedraaid.
1.9.05
Bord
Op de website van de Zellingwijk las ik het volgende bericht:
Maandag 8 augustus 2005 is het bouwbord van de Zellingwijk verwijderd van de locatie.
Dit is gebeurd buiten medeweten van en dus ook zonder toestemming van de SHZ, de eigenaar van het bord. Het bouwbord, inclusief draagconstructie, blijkt te zijn verwijderd naar aanleiding van een financieel meningsverschil tussen de bedrijven die het bord hebben ontworpen en geplaatst.
De SHZ, geen partij in het meningsverschil, kan momenteel niets veranderen aan deze situatie, en beslist maandag 29 augustus welke verdere maatregelen er zullen worden genomen om het bouwbord z.s.m. weer op zijn plek te krijgen.
Waar gáát dit over?
De sanering van de Zellingwijk is een mega-project waar internationaal belangstelling voor bestaat, waar miljoenen euro’s mee zijn gemoeid en waar al decennia lang over wordt gepraat. En dan is er ruzie over een bórd? Ik begrijp hier niets van. Waarom wordt er niet gewoon gewérkt op de Zellingwijk? Dat kan ook goed zonder bouwbord.
Maandag 8 augustus 2005 is het bouwbord van de Zellingwijk verwijderd van de locatie.
Dit is gebeurd buiten medeweten van en dus ook zonder toestemming van de SHZ, de eigenaar van het bord. Het bouwbord, inclusief draagconstructie, blijkt te zijn verwijderd naar aanleiding van een financieel meningsverschil tussen de bedrijven die het bord hebben ontworpen en geplaatst.
De SHZ, geen partij in het meningsverschil, kan momenteel niets veranderen aan deze situatie, en beslist maandag 29 augustus welke verdere maatregelen er zullen worden genomen om het bouwbord z.s.m. weer op zijn plek te krijgen.
Waar gáát dit over?
De sanering van de Zellingwijk is een mega-project waar internationaal belangstelling voor bestaat, waar miljoenen euro’s mee zijn gemoeid en waar al decennia lang over wordt gepraat. En dan is er ruzie over een bórd? Ik begrijp hier niets van. Waarom wordt er niet gewoon gewérkt op de Zellingwijk? Dat kan ook goed zonder bouwbord.
31.8.05
Waakhond
Vandaag verschijnen de laatste edities van de regiokranten Rijn en Gouwe en Goudsche Courant. Ze gaan op in regionale edities van het Algemeen Dagblad. Met het heengaan van de GC sterft er ook iets in mij.
In 1978 schreef ik voor deze krant mijn ervaringen op als wandelaar van de Nijmeegse Vierdaagse. Daarna werd ik freelancer en reisde de hele regio af om verslag te doen van gemeenteraadsvergaderingen, gouden huwelijken, en amateurtoneelvoorstellingen – ik herinner me als absoluut dieptepunt een hemeltergende musical in Hekendorp, een gênante vertoning waar met goed fatsoen geen behoorlijke recensie van was te maken.
Toen er een plaats op de redactie vrij kwam, werd ik daarvoor gevraagd en zo leerde ik het journalistieke vak: werkweken van 60 uur, om de vier weken weekenddienst, dagelijkse deadlines, met drie collega’s iedere dag twee pagina’s vullen. Het was een mooie tijd, een tijd ook waarin ik de Ouderkerkse politiek vanaf de perstribune volgde. Toen ik me later, toen ik niet meer bij de GC werkte, aanmeldde als lid van de PvdA in Ouderkerk reageerde men heel verbaasd: ze hadden aan mijn stukjes nooit gemerkt dat ik enige sympathie voor die partij had.
Als raadslid had ik tot vandaag nog steeds te maken met de journalisten van de GC. Politici en journalisten hebben elkaar nodig; de politicus kan niet zonder de krant om zijn verhaal aan een groot publiek te vertellen, de journalist is gebaat bij een goede relatie met de politicus om af en toe eens een tip of een primeur te krijgen – off the record natuurlijk.
Ik vind het jammer dat de GC en de Rijn en Gouwe na al die jaren verdwijnen, ondanks de belofte dat er méér aandacht voor de regio zal zijn in de nieuwe krant. Eerst zien, dan geloven. Dat de ene editie, Rotterdam Oost, straks over Ouderkerk aan den IJssel gaat schrijven en dat Gouderak in het verspreidingsgebied van de editie Groene Hart ligt, belooft al niet veel goeds.
In Rijn en Gouwe stond vanmorgen een foto van de nieuwe redactie van het AD Groene Hart. Ik herkende Luc van den Oever, die tot nu toe voor de GC over de Ouderkerkse politiek schreef. Hij draagt een T-shirt met duidelijk leesbaar de tekst ‘Het ergste moet nog komen’. Ik hoop dat het meevalt en wens de collega-journalisten van de nieuwe krant veel sterkte. En blijf alsjeblieft veel en kritisch schrijven over Ouderkerk. De pers is de waakhond van de democratie, en waakhonden moeten wij als politici koesteren.
In 1978 schreef ik voor deze krant mijn ervaringen op als wandelaar van de Nijmeegse Vierdaagse. Daarna werd ik freelancer en reisde de hele regio af om verslag te doen van gemeenteraadsvergaderingen, gouden huwelijken, en amateurtoneelvoorstellingen – ik herinner me als absoluut dieptepunt een hemeltergende musical in Hekendorp, een gênante vertoning waar met goed fatsoen geen behoorlijke recensie van was te maken.
Toen er een plaats op de redactie vrij kwam, werd ik daarvoor gevraagd en zo leerde ik het journalistieke vak: werkweken van 60 uur, om de vier weken weekenddienst, dagelijkse deadlines, met drie collega’s iedere dag twee pagina’s vullen. Het was een mooie tijd, een tijd ook waarin ik de Ouderkerkse politiek vanaf de perstribune volgde. Toen ik me later, toen ik niet meer bij de GC werkte, aanmeldde als lid van de PvdA in Ouderkerk reageerde men heel verbaasd: ze hadden aan mijn stukjes nooit gemerkt dat ik enige sympathie voor die partij had.
Als raadslid had ik tot vandaag nog steeds te maken met de journalisten van de GC. Politici en journalisten hebben elkaar nodig; de politicus kan niet zonder de krant om zijn verhaal aan een groot publiek te vertellen, de journalist is gebaat bij een goede relatie met de politicus om af en toe eens een tip of een primeur te krijgen – off the record natuurlijk.
Ik vind het jammer dat de GC en de Rijn en Gouwe na al die jaren verdwijnen, ondanks de belofte dat er méér aandacht voor de regio zal zijn in de nieuwe krant. Eerst zien, dan geloven. Dat de ene editie, Rotterdam Oost, straks over Ouderkerk aan den IJssel gaat schrijven en dat Gouderak in het verspreidingsgebied van de editie Groene Hart ligt, belooft al niet veel goeds.
In Rijn en Gouwe stond vanmorgen een foto van de nieuwe redactie van het AD Groene Hart. Ik herkende Luc van den Oever, die tot nu toe voor de GC over de Ouderkerkse politiek schreef. Hij draagt een T-shirt met duidelijk leesbaar de tekst ‘Het ergste moet nog komen’. Ik hoop dat het meevalt en wens de collega-journalisten van de nieuwe krant veel sterkte. En blijf alsjeblieft veel en kritisch schrijven over Ouderkerk. De pers is de waakhond van de democratie, en waakhonden moeten wij als politici koesteren.
30.8.05
Jammer
Vanmiddag naar een bijzondere gemeenteraadsvergadering, waarin afscheid wordt genomen van burgemeester Hans Oosters. Het wordt een sobere bijeenkomst, vermoed ik, want hij is amper een jaar onze burgemeester geweest en dan past een groot feest op kosten van de gemeenschap niet. Bergambacht, Ammerstol en Berkenwoude pakken wel flink uit. Terecht, zij hebben een veel langere en intensere relatie met Oosters als burgemeester gehad.
Ik vind het jammer dat hij nu al vertrekt. Persoonlijk zag ik het wel zitten om met Hans Oosters de komende jaren door te gaan, tot die grote gemeente Krimpenerwaard een feit is. En dan had hij daar van mij ook burgemeester van mogen worden. Jammer, niet omdat het een partijgenoot is (best uniek trouwens, een PvdA’er aan het roer in Ouderkerk), maar omdat zijn stijl van besturen mij aansprak. Toegankelijk voor de inwoners, prettig in de omgang, met een groot relativeringsvermogen en een liefhebber van het politieke spel waar hij met veel humor over kan spreken.
Je weet wat je hebt, niet wat je krijgt.
De nieuwe burgemeester heet Thieu van de Wouw. De fractievoorzitters hebben al kennis met hem gemaakt, maar omdat ik toen met vakantie was, heeft Ralph Brieskorn mij bij die gelegenheid vervangen. Van de Wouw is dus nog een Grote Onbekende voor mij. Ben benieuwd. Maar straks eerst de afscheidsraad van Hans Oosters, en daarna de informele borrelbijeenkomst die vast heel plezierig wordt. Ik wens hem veel succes in zijn nieuwe functie bij het hoogheemraadschap. We komen elkaar vast nog wel eens tegen, is het niet in op een van de prachtige fietspaden in de polder dan wel op de een of andere partijbijeenkomst. Het is en blijft een kleine wereld, de Krimpenerwaard. Laat dat maar zo blijven ook.
Ik vind het jammer dat hij nu al vertrekt. Persoonlijk zag ik het wel zitten om met Hans Oosters de komende jaren door te gaan, tot die grote gemeente Krimpenerwaard een feit is. En dan had hij daar van mij ook burgemeester van mogen worden. Jammer, niet omdat het een partijgenoot is (best uniek trouwens, een PvdA’er aan het roer in Ouderkerk), maar omdat zijn stijl van besturen mij aansprak. Toegankelijk voor de inwoners, prettig in de omgang, met een groot relativeringsvermogen en een liefhebber van het politieke spel waar hij met veel humor over kan spreken.
Je weet wat je hebt, niet wat je krijgt.
De nieuwe burgemeester heet Thieu van de Wouw. De fractievoorzitters hebben al kennis met hem gemaakt, maar omdat ik toen met vakantie was, heeft Ralph Brieskorn mij bij die gelegenheid vervangen. Van de Wouw is dus nog een Grote Onbekende voor mij. Ben benieuwd. Maar straks eerst de afscheidsraad van Hans Oosters, en daarna de informele borrelbijeenkomst die vast heel plezierig wordt. Ik wens hem veel succes in zijn nieuwe functie bij het hoogheemraadschap. We komen elkaar vast nog wel eens tegen, is het niet in op een van de prachtige fietspaden in de polder dan wel op de een of andere partijbijeenkomst. Het is en blijft een kleine wereld, de Krimpenerwaard. Laat dat maar zo blijven ook.
25.8.05
Links
Ik behoor tot de linkervleugel van de PvdA. Als er in Ouderkerk een SP actief was geweest, dan was ik destijds waarschijnlijk dáár lid van geworden. Mijn leraar maatschappijleer was een langharig product van de jaren zestig, had als een van de weinige docenten openlijk lak aan autoriteit, liep als enige van de school op Jezussandalen en opende voor mij een nieuwe wereld. De docent aardrijkskunde was actief in de CPN en hem kwam ik nog wel eens tegen bij Stop de Neutronenbom demonstraties. Ik droeg een gebroken geweertje, flirtte beurtelings met CPN, PSP en PvdA maar werd uiteindelijk toch het meest geraakt door de passie van Joop den Uyl. Met het mooiste meisje uit 5HAVO verdiepte ik me in leven en werken van Lenin en op de universiteit las ik alles wat ik kon vinden van en over Marx en Engels. De Verelendungstheorie is gesneden koek en het gezegde dat godsdienst opium van het volk is, is voor mij nog even waar als toen Marx dat zo’n anderhalve eeuw geleden opschreef. Overigens las ik tot mijn vreugde deze week dat Marx nog altijd niet echt dood is, want het beste tijdschrift van de wereld, het Duitse Der Spiegel, kopt deze week: Ein Gespenst kehrt zurück – het spook van het communisme blijkt weer rond te waren – maar dit terzijde.
Als ‘links’ politicus worstel ik met vraagstukken die de kerk aangaan. En daar zijn er nogal wat van in Ouderkerk. Te beginnen met het ambtsgebed in de vergaderingen van de gemeenteraad, dat ik word gedwongen aan te horen, tot de strikte handhaving van de zondagsrust in Ouderkerk aan den IJssel en het feit dat we als burgerlijke overheid nog altijd opdraaien voor het onderhoud van de kerktoren in datzelfde dorp. En dan nu de scheuring in de kerk, die aan de basis ligt van een politieke bijna-crisis.
Lenin, herinner ik mij uit de tijd dat ik mijn aandacht moest verdelen tussen mijn co-auteur van het HAVO-werkstuk en het onderwerp zelf, was niet per se anti-kerk. Ik heb het nog even nagezocht, hij schreef: “Het moet een ieder volkomen vrijstaan onverschillig welke godsdienst aan te hangen of ook geen enkele godsdienst te erkennen, d.w.z. atheïst te zijn, wat elke socialist in de regel immers ook is.” Maar, voegde hij er in één adem aan toe, er moet wel een absolute scheiding tussen kerk en staat zijn. Overigens beschouwde hij de ‘druk van de kerk’ waaronder christenen gebukt gaan, ook als een product van de economische druk binnen de maatschappij. En uiteindelijk zal het proletariaat de economische slavernij afschaffen, en daarmee deze ‘ware bron van religieuze versuffing van de mens’ uit de weg ruimen.
Ik blijf duimen, maar zo ver is het in Ouderkerk nog niet.
Lenin indachtig wil ik daarom respectvol blijven naar de kerk toe. Ik ben in de loop der jaren ook wel zo ‘liberaal’ geworden dat ik mensen, organisaties, veel vrijheid gun – ook de kerk. Maar vrijheid heeft grenzen, en die zijn bereikt wanneer de vrijheid van anderen wordt aangetast. Dat dreigt nu in Ouderkerk aan den IJssel te gebeuren. Het staat de ene kerk vrij zich af te scheiden van de andere, ook als dat leidt tot een huisvestingsprobleem. Maar het gaat te ver om ervan uit te gaan, dat daarmee ook de weg open ligt voor welke oplossing voor dat probleem dan ook. De overheid behoort zich niet met de kerk te willen bemoeien, maar als de kerk een probleem veroorzaakt waardoor andere belangen in gevaar dreigen te komen, dan móet de overheid wel optreden. Misschien door te gaan bemiddelen tussen de twee ruziënde kerkpartijen, zodat dat bestaande gebouw gewoon door beide gebruikt kan blijven worden. Dan is een noodgebouw helemaal niet meer nodig.
Als ‘links’ politicus worstel ik met vraagstukken die de kerk aangaan. En daar zijn er nogal wat van in Ouderkerk. Te beginnen met het ambtsgebed in de vergaderingen van de gemeenteraad, dat ik word gedwongen aan te horen, tot de strikte handhaving van de zondagsrust in Ouderkerk aan den IJssel en het feit dat we als burgerlijke overheid nog altijd opdraaien voor het onderhoud van de kerktoren in datzelfde dorp. En dan nu de scheuring in de kerk, die aan de basis ligt van een politieke bijna-crisis.
Lenin, herinner ik mij uit de tijd dat ik mijn aandacht moest verdelen tussen mijn co-auteur van het HAVO-werkstuk en het onderwerp zelf, was niet per se anti-kerk. Ik heb het nog even nagezocht, hij schreef: “Het moet een ieder volkomen vrijstaan onverschillig welke godsdienst aan te hangen of ook geen enkele godsdienst te erkennen, d.w.z. atheïst te zijn, wat elke socialist in de regel immers ook is.” Maar, voegde hij er in één adem aan toe, er moet wel een absolute scheiding tussen kerk en staat zijn. Overigens beschouwde hij de ‘druk van de kerk’ waaronder christenen gebukt gaan, ook als een product van de economische druk binnen de maatschappij. En uiteindelijk zal het proletariaat de economische slavernij afschaffen, en daarmee deze ‘ware bron van religieuze versuffing van de mens’ uit de weg ruimen.
Ik blijf duimen, maar zo ver is het in Ouderkerk nog niet.
Lenin indachtig wil ik daarom respectvol blijven naar de kerk toe. Ik ben in de loop der jaren ook wel zo ‘liberaal’ geworden dat ik mensen, organisaties, veel vrijheid gun – ook de kerk. Maar vrijheid heeft grenzen, en die zijn bereikt wanneer de vrijheid van anderen wordt aangetast. Dat dreigt nu in Ouderkerk aan den IJssel te gebeuren. Het staat de ene kerk vrij zich af te scheiden van de andere, ook als dat leidt tot een huisvestingsprobleem. Maar het gaat te ver om ervan uit te gaan, dat daarmee ook de weg open ligt voor welke oplossing voor dat probleem dan ook. De overheid behoort zich niet met de kerk te willen bemoeien, maar als de kerk een probleem veroorzaakt waardoor andere belangen in gevaar dreigen te komen, dan móet de overheid wel optreden. Misschien door te gaan bemiddelen tussen de twee ruziënde kerkpartijen, zodat dat bestaande gebouw gewoon door beide gebruikt kan blijven worden. Dan is een noodgebouw helemaal niet meer nodig.
23.8.05
Kleine dingen
Als raadslid word je geacht je niet met de details te bemoeien. Dat is uitvoering van beleid en daarvoor is het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk. Maar raadsleden worden op straat wél aangesproken over kleine ergernissen en dan kun je niet zeggen: sorry, daarvoor moet u met de wethouder bellen. Dus moet je af en toe wel even op het detailniveau gaan zitten. En daar is ook niks mis mee, je bent volksvertegenwoordiger of niet.
Daarom vandaag drie kleine ergerissen per e-mail onder de aandacht van wethouder/partijgenoot Leen van Winden gebracht:
Beste Leen,
Graag even je aandacht (en bij voorkeur ook actie!) voor een paar onderwerpen die mij al langer irriteren.
1. Het bushokje in Gouderak. Vandaag weer ondervonden dat het met een combinatie van regen en wat wind absoluut geen beschutting biedt. Belangrijker is natuurlijk, dat het een aanfluiting is om dit bouwwerkje in deze staat te laten staan. Het bushokje werd in januari al vernield. In ongeveer april heb ik hierover contact gehad met de gemeente, en toen werd mij verteld dat er werd onderhandeld met de exploitant van het bushokje om het over te nemen zodat de gemeente daar een ander, hufterbestendig bouwwerkje voor in de plaats kon zetten. Sindsdien niets meer gehoord. Met de herfst voor de deur móet er echt iets gebeuren. Ook goed voor de geloofwaardigheid van de gemeente als beheerster van de openbare ruimte.
2. De scholen zijn weer begonnen. Maar waarom hangen de spandoeken met die tekst dit jaar niet in onze gemeente, zoals andere jaren? Juist in Ouderkerk met z’n gevaarlijke dijken met fietsende schooljeugd is het van belang dat automobilisten hierop worden geattendeerd. Kan dat nog op (zeer!) korte termijn worden geregeld?
3. Onlangs viel mij op dat er een nieuw straatnaambord aan de Snippejagerskade in Gouderak staat. Da’s mooi, maar jammer is dat de naam verkeerd is gespeld: Snipperjagerskade. Dat is slordig, zeker omdat het een historische naam betreft (zie deze kaart uit 1866: http://www.xs4all.nl/~nieko/hkgdr.htm). Weet niet wie hiervoor verantwoordelijk is, maar kan dat ook hersteld worden? Mijn waarneming betreft overigens alleen het bord aan het begin van de kade, bij de Groene Wetering. Ik weet niet of de bordjes verderop ook vervangen en/of fout gespeld zijn.
Alvast bedankt!
En nu maar afwachten...
P.S. Kreeg van VVD-collega-fractievoorzitter John Peters een reactie op mijn stukje ‘Verleidingen’. In mijn opsomming van Ouderkerkse bestuurders die ik niet verdenk van corruptie, ontbreken de wethouders. Freudiaans? denkt John. Wie weet, maar ik houd het erop dat ik ze gewoon vergeten ben.
Daarom vandaag drie kleine ergerissen per e-mail onder de aandacht van wethouder/partijgenoot Leen van Winden gebracht:
Beste Leen,
Graag even je aandacht (en bij voorkeur ook actie!) voor een paar onderwerpen die mij al langer irriteren.
1. Het bushokje in Gouderak. Vandaag weer ondervonden dat het met een combinatie van regen en wat wind absoluut geen beschutting biedt. Belangrijker is natuurlijk, dat het een aanfluiting is om dit bouwwerkje in deze staat te laten staan. Het bushokje werd in januari al vernield. In ongeveer april heb ik hierover contact gehad met de gemeente, en toen werd mij verteld dat er werd onderhandeld met de exploitant van het bushokje om het over te nemen zodat de gemeente daar een ander, hufterbestendig bouwwerkje voor in de plaats kon zetten. Sindsdien niets meer gehoord. Met de herfst voor de deur móet er echt iets gebeuren. Ook goed voor de geloofwaardigheid van de gemeente als beheerster van de openbare ruimte.
2. De scholen zijn weer begonnen. Maar waarom hangen de spandoeken met die tekst dit jaar niet in onze gemeente, zoals andere jaren? Juist in Ouderkerk met z’n gevaarlijke dijken met fietsende schooljeugd is het van belang dat automobilisten hierop worden geattendeerd. Kan dat nog op (zeer!) korte termijn worden geregeld?
3. Onlangs viel mij op dat er een nieuw straatnaambord aan de Snippejagerskade in Gouderak staat. Da’s mooi, maar jammer is dat de naam verkeerd is gespeld: Snipperjagerskade. Dat is slordig, zeker omdat het een historische naam betreft (zie deze kaart uit 1866: http://www.xs4all.nl/~nieko/hkgdr.htm). Weet niet wie hiervoor verantwoordelijk is, maar kan dat ook hersteld worden? Mijn waarneming betreft overigens alleen het bord aan het begin van de kade, bij de Groene Wetering. Ik weet niet of de bordjes verderop ook vervangen en/of fout gespeld zijn.
Alvast bedankt!
En nu maar afwachten...
P.S. Kreeg van VVD-collega-fractievoorzitter John Peters een reactie op mijn stukje ‘Verleidingen’. In mijn opsomming van Ouderkerkse bestuurders die ik niet verdenk van corruptie, ontbreken de wethouders. Freudiaans? denkt John. Wie weet, maar ik houd het erop dat ik ze gewoon vergeten ben.
16.8.05
Rechtsstaat
Er ligt al een tijdje een krantenknipsel uit Trouw op mijn bureau, een interview met VVD-Kamerlid Arno Visser. Hij reageert daarin op de uitspraak van de rechter, dat illegale kinderen recht hebben op bijstand, omdat Nederland volgens het Internationale verdrag voor de rechten van het kind een zorgplicht heeft voor alle kinderen onder zijn rechtsbevoegdheid, legale of illegale. Visser vindt het maar niks, dat de rechter toetst aan een internationaal verdrag. Bovendien heeft de rechter het verdrag niet goed begrepen, zegt hij. De Ghanese overheid heeft een zorgplicht voor de kinderen, niet de Nederlandse.
Visser is een literatuurwetenschapper, maar goed lezen kan hij niet.
En hij vindt het ook nog eens schandalig dat de rechter op de stoel van de bestuurder gaat zitten. De politiek moet corrigerend optreden als rechterlijke uitspraken consequenties voor het beleid hebben, vindt Visser. Reparatiewetgeving, noemt hij dat.
Ik erger me kapot aan dit soort populistische prietpraat. Het past een Kamerlid helemáál niet om de op de stoel van de rechter te gaan zitten. De onafhankelijke rechtspraak is ooit uitgevonden om erop toe te zien dat de wet goed wordt nageleefd, óók door de wetgever. Als we gaan doen wat Visser wil, dan kunnen we de rechter maar beter afschaffen omdat de wetgever (Visser en zijn collega’s in de Tweede en Eerste Kamer) dan altijd het laatste woord heeft, en daarmee de rechtsstaat ten grave dragen. De oprisping van Visser in Trouw staat symbool voor het veranderende maatschappelijke klimaat, waarin grondrechten steeds meer met voeten worden getreden of lacherig terzijde worden geschoven.
Dat is niet het klimaat waar ik me nog in thuis voel.
Visser is een literatuurwetenschapper, maar goed lezen kan hij niet.
En hij vindt het ook nog eens schandalig dat de rechter op de stoel van de bestuurder gaat zitten. De politiek moet corrigerend optreden als rechterlijke uitspraken consequenties voor het beleid hebben, vindt Visser. Reparatiewetgeving, noemt hij dat.
Ik erger me kapot aan dit soort populistische prietpraat. Het past een Kamerlid helemáál niet om de op de stoel van de rechter te gaan zitten. De onafhankelijke rechtspraak is ooit uitgevonden om erop toe te zien dat de wet goed wordt nageleefd, óók door de wetgever. Als we gaan doen wat Visser wil, dan kunnen we de rechter maar beter afschaffen omdat de wetgever (Visser en zijn collega’s in de Tweede en Eerste Kamer) dan altijd het laatste woord heeft, en daarmee de rechtsstaat ten grave dragen. De oprisping van Visser in Trouw staat symbool voor het veranderende maatschappelijke klimaat, waarin grondrechten steeds meer met voeten worden getreden of lacherig terzijde worden geschoven.
Dat is niet het klimaat waar ik me nog in thuis voel.
15.8.05
Verleidingen
‘Vijf procent van politici is corrupt’, kopte NRC zaterdag. Een misleidende kop, want het cijfer is een ‘subjectieve en intuïtieve’ schatting van ondervraagde topambtenaren. Het grappige is, dat zij denken dat het percentage corrupte ambtenaren veel lager is. Nou, dat weet ik nog niet zo zeker, maar goed…
Bij het woord corruptie denk ik al gauw aan smeergeld betalen aan een wethouder om iets voor elkaar te krijgen, of aan het aanbieden van een geheel verzorgde avond in een dure nachtclub, of aan eten op kosten van een aannemer in een gerenommeerd restaurant. Alles om in het gevlei te komen van de bestuurders van wie je als ondernemer afhankelijk bent om iets voor elkaar te krijgen.
Stel dat die vijf procent zou kloppen, één op de twintig dus. In de Ouderkerkse gemeenteraad zitten 13 raadsleden, twee wethouders en een burgemeester. Zestien in totaal: een kans van 80 procent dat ten minste één van hen corrupt is. De mannen van de SGP die tegenover mij zitten? Nee, te principieel. De CDA’ers daarnaast? Hun partijgenoten in Limburg misschien, maar niet Hans en Remko. De twee van de ChristenUnie ook niet, die zijn te netjes. Van de VVD’ers mag je een innige band met het bedrijfsleven verwachten, maar corrupt? De burgemeester is van de PvdA. Dat zegt niet alles, maar de kans dat hij kreukbaar is acht ik klein. Dat geldt ook voor mijn fractiegenoten.
Blijf ik zelf over. Ben ik corrupt? Latent misschien. Je wordt pas corrupt als zich de gelegenheid voordoet. Een beetje tot mijn spijt moet ik bekennen dat ik nooit een aanbod heb gehad om eens uitgebreid te gaan dineren op kosten van de plaatselijke aannemer. Een cadeaubon van Yab Yum heb ik ook nooit in de bus gevonden. Presentjes van het bedrijfsleven? Niet in het brave Ouderkerk. Dus ik kan met de hand op mijn hart verkondigen dat ik vooralsnog niet corrupt ben, al was het maar omdat ik niet word blootgesteld aan een verleiding.
Geen corruptie in Ouderkerk dus, maar toch moeten we als bestuurders hier ook blijven knokken voor een goede reputatie. Amsterdamse bonnetjesaffaires, raadsleden die zichzelf verrijken met geld dat voor de fractie was bedoeld, het straalt ook op ons af. Het raadslidmaatschap wordt synoniem aan een graaicultuur. Dat moeten we niet hebben.
Gelukkig zullen Amsterdamse toestanden zich in Ouderkerk niet voordoen. Want Ouderkerk is zo ongeveer de enige gemeente die het geld, dat eigenlijk is bestemd voor de fracties, in de algemene gemeentelijke kas stort. Zelfs die verleiding, die toch zo legaal als wat zou zijn, wordt mij niet gegund.
Bij het woord corruptie denk ik al gauw aan smeergeld betalen aan een wethouder om iets voor elkaar te krijgen, of aan het aanbieden van een geheel verzorgde avond in een dure nachtclub, of aan eten op kosten van een aannemer in een gerenommeerd restaurant. Alles om in het gevlei te komen van de bestuurders van wie je als ondernemer afhankelijk bent om iets voor elkaar te krijgen.
Stel dat die vijf procent zou kloppen, één op de twintig dus. In de Ouderkerkse gemeenteraad zitten 13 raadsleden, twee wethouders en een burgemeester. Zestien in totaal: een kans van 80 procent dat ten minste één van hen corrupt is. De mannen van de SGP die tegenover mij zitten? Nee, te principieel. De CDA’ers daarnaast? Hun partijgenoten in Limburg misschien, maar niet Hans en Remko. De twee van de ChristenUnie ook niet, die zijn te netjes. Van de VVD’ers mag je een innige band met het bedrijfsleven verwachten, maar corrupt? De burgemeester is van de PvdA. Dat zegt niet alles, maar de kans dat hij kreukbaar is acht ik klein. Dat geldt ook voor mijn fractiegenoten.
Blijf ik zelf over. Ben ik corrupt? Latent misschien. Je wordt pas corrupt als zich de gelegenheid voordoet. Een beetje tot mijn spijt moet ik bekennen dat ik nooit een aanbod heb gehad om eens uitgebreid te gaan dineren op kosten van de plaatselijke aannemer. Een cadeaubon van Yab Yum heb ik ook nooit in de bus gevonden. Presentjes van het bedrijfsleven? Niet in het brave Ouderkerk. Dus ik kan met de hand op mijn hart verkondigen dat ik vooralsnog niet corrupt ben, al was het maar omdat ik niet word blootgesteld aan een verleiding.
Geen corruptie in Ouderkerk dus, maar toch moeten we als bestuurders hier ook blijven knokken voor een goede reputatie. Amsterdamse bonnetjesaffaires, raadsleden die zichzelf verrijken met geld dat voor de fractie was bedoeld, het straalt ook op ons af. Het raadslidmaatschap wordt synoniem aan een graaicultuur. Dat moeten we niet hebben.
Gelukkig zullen Amsterdamse toestanden zich in Ouderkerk niet voordoen. Want Ouderkerk is zo ongeveer de enige gemeente die het geld, dat eigenlijk is bestemd voor de fracties, in de algemene gemeentelijke kas stort. Zelfs die verleiding, die toch zo legaal als wat zou zijn, wordt mij niet gegund.
11.7.05
Frankrijk
Vorige week even naar Frankrijk geweest en daar toevallig een paar keer op een camping municipal terechtgekomen. Campings die eigendom zijn van gemeenten en ook door ambtenaren worden gerund. Keurige campings, goed onderhonden, veel groen en schoon sanitair. Niets op aan te merken.
Steeds als ik in Frankrijk ben, valt mij op hoe nadrukkelijk de gemeente zich in de openbare ruimte manifesteert. De mairie is vaak letterlijk het centrum van het dorp, met steevast de Franse vlag en vaak ook de Europese vlag aan de gevel. Tik bij de Franse editie van Google ‘municipal’ in en je vindt een keur aan gemeentelijke zaken: van campings tot pretparken voor kinderen, van bioscopen tot watersportcentra, van tennisvelden tot sportclubs. Het groen in de dorpen en steden is overvloedig en keurig onderhouden. Het woord municipal keert overal terug in het straatbeeld. In Frankrijk laat de gemeente zich zien – en zo hoort het ook.Want net als hier is de gemeente daar verantwoordelijk voor het onderhoud en de inrichting van de openbare ruimte.
Maar anders dan in Nederland stelt een Franse stad of een Frans dorp er een duidelijke eer in, iets voor de gemeenschap te dóen. Terwijl hier de gemeente het liefst, zo lijkt het, op de achtergrond opereert, alsof ze zich ervoor schaamt dat ze bestaat. Goed, in Ouderkerk rijden een paar wagens van de gemeente rond, maar het openbaar groen wordt onderhouden door een hoveniersbedrijf en het vuil wordt opgehaald door Cyclus. De gemeente is hier vrijwel geheel verdwenen uit het publieke domein waar ze juist middenin hoort te staan. Waar ze voor verantwoordelijk is. In Gouderak loopt het zand weg onder het gebouw van de openbare basisschool, de tegels zijn verzakt en de kozijnen rotten weg. Het bushokje staat er al een half jaar vernield bij. De gemeente zou er een eer in moeten scheppen, deze zaken direct te verhelpen. En dat uitdragen met een groot bord met de tekst: ‘De gemeente houdt uw dorp leefbaar’, of zoiets. Dan zien mensen ook waarom ze OZB betalen. Kom op gemeente, word weer trots op jezelf!
Misschien moeten we voor de gemeenteraad een studiereis naar de Bourgogne organiseren. Ik weet nog wel een leuke camping.
Steeds als ik in Frankrijk ben, valt mij op hoe nadrukkelijk de gemeente zich in de openbare ruimte manifesteert. De mairie is vaak letterlijk het centrum van het dorp, met steevast de Franse vlag en vaak ook de Europese vlag aan de gevel. Tik bij de Franse editie van Google ‘municipal’ in en je vindt een keur aan gemeentelijke zaken: van campings tot pretparken voor kinderen, van bioscopen tot watersportcentra, van tennisvelden tot sportclubs. Het groen in de dorpen en steden is overvloedig en keurig onderhouden. Het woord municipal keert overal terug in het straatbeeld. In Frankrijk laat de gemeente zich zien – en zo hoort het ook.Want net als hier is de gemeente daar verantwoordelijk voor het onderhoud en de inrichting van de openbare ruimte.
Maar anders dan in Nederland stelt een Franse stad of een Frans dorp er een duidelijke eer in, iets voor de gemeenschap te dóen. Terwijl hier de gemeente het liefst, zo lijkt het, op de achtergrond opereert, alsof ze zich ervoor schaamt dat ze bestaat. Goed, in Ouderkerk rijden een paar wagens van de gemeente rond, maar het openbaar groen wordt onderhouden door een hoveniersbedrijf en het vuil wordt opgehaald door Cyclus. De gemeente is hier vrijwel geheel verdwenen uit het publieke domein waar ze juist middenin hoort te staan. Waar ze voor verantwoordelijk is. In Gouderak loopt het zand weg onder het gebouw van de openbare basisschool, de tegels zijn verzakt en de kozijnen rotten weg. Het bushokje staat er al een half jaar vernield bij. De gemeente zou er een eer in moeten scheppen, deze zaken direct te verhelpen. En dat uitdragen met een groot bord met de tekst: ‘De gemeente houdt uw dorp leefbaar’, of zoiets. Dan zien mensen ook waarom ze OZB betalen. Kom op gemeente, word weer trots op jezelf!
Misschien moeten we voor de gemeenteraad een studiereis naar de Bourgogne organiseren. Ik weet nog wel een leuke camping.
1.7.05
Op de valreep
Op de valreep voor het zomerreces nog even wat impressies van gisteravond. De laatste tijd andere dingen aan mijn hoofd gehad en daardoor even geen inspiratie voor het weblog.
Het was een turbulente raadsvergadering, de tweede helft zonder de VVD-fractie die woedend de zaal verliet omdat ze geen steun kreeg voor een motie van wantrouwen tegen het college. Raar. Het college weigerde een motie van de raad, waarin werd uitgesproken dat de groenbestemming op het weiland naast de Abelenlaan niet mag worden gewijzigd, uit te voeren. Dat is niet slim van het college, maar geen reden om het naar huis te sturen. Als dat de normale gang van zaken zou zijn, dan was het kabinet al honderd keer opgestapt. Wie herinnert zich niet de gênante vertoning in de Kamer toen minister Gerrit Zalm (VVD!) schaterlachend uitriep, nadat de Kamer een motie had aangenomen: ‘En wij voeren hem níet uit!’ Niemand die daar moeilijk over deed. Sterker, de hele Kamer lachte mee. Kijk, dat ging te ver, maar feit is wel dat in een duale verhouding kabinet en Kamer, en tegenwoordig dus ook college en gemeenteraad, elk een eigen verantwoordelijkheid hebben. Het college zadelt zich nu wel met een probleem op, maar daar komt het later nog wel achter.
En die actie van de VVD? Het was vooral voor de bühne, vermoed ik. Want als je je raadswerk serieus neemt, en dat doen de VVD’ers doorgaans, dan schuiven ze de volgende vergadering gewoon weer aan. En zo hoort het natuurlijk. Je krijgt in de politiek niet altijd je zin. Maar die motie van wantrouwen, dat was echt onzinnig. Het is het machtigste wapen van de gemeenteraad en dat moet je niet te pas en te onpas inzetten. Dat is niet goed voor je geloofwaardigheid.
Iets anders, de Dorpsvisie Gouderak. Tegelijk met de raadsvergadering werd in het Dorpshuis een bijeenkomst voor de inwoners van Gouderak gehouden. Daar hadden raadsleden natuurlijk bij moeten zijn, maar wij kunnen ons ook niet in tweeën splitsen. Ik heb wel begrepen dat het een goede bijeenkomst was, waar vooral na afloop zaken werden gedaan aan de bar. Op z’n Gouderaks, zullen we maar zeggen. Een man of honderd was op de Dorpsvisie afgekomen en dat is mooi, het toont aan dat het onderwerp leeft in het dorp. Ben benieuwd wat eruit komt. Dat de gemeenteraad er serieus mee aan de slag moet, dat staat voor mij vast.
Het was een turbulente raadsvergadering, de tweede helft zonder de VVD-fractie die woedend de zaal verliet omdat ze geen steun kreeg voor een motie van wantrouwen tegen het college. Raar. Het college weigerde een motie van de raad, waarin werd uitgesproken dat de groenbestemming op het weiland naast de Abelenlaan niet mag worden gewijzigd, uit te voeren. Dat is niet slim van het college, maar geen reden om het naar huis te sturen. Als dat de normale gang van zaken zou zijn, dan was het kabinet al honderd keer opgestapt. Wie herinnert zich niet de gênante vertoning in de Kamer toen minister Gerrit Zalm (VVD!) schaterlachend uitriep, nadat de Kamer een motie had aangenomen: ‘En wij voeren hem níet uit!’ Niemand die daar moeilijk over deed. Sterker, de hele Kamer lachte mee. Kijk, dat ging te ver, maar feit is wel dat in een duale verhouding kabinet en Kamer, en tegenwoordig dus ook college en gemeenteraad, elk een eigen verantwoordelijkheid hebben. Het college zadelt zich nu wel met een probleem op, maar daar komt het later nog wel achter.
En die actie van de VVD? Het was vooral voor de bühne, vermoed ik. Want als je je raadswerk serieus neemt, en dat doen de VVD’ers doorgaans, dan schuiven ze de volgende vergadering gewoon weer aan. En zo hoort het natuurlijk. Je krijgt in de politiek niet altijd je zin. Maar die motie van wantrouwen, dat was echt onzinnig. Het is het machtigste wapen van de gemeenteraad en dat moet je niet te pas en te onpas inzetten. Dat is niet goed voor je geloofwaardigheid.
Iets anders, de Dorpsvisie Gouderak. Tegelijk met de raadsvergadering werd in het Dorpshuis een bijeenkomst voor de inwoners van Gouderak gehouden. Daar hadden raadsleden natuurlijk bij moeten zijn, maar wij kunnen ons ook niet in tweeën splitsen. Ik heb wel begrepen dat het een goede bijeenkomst was, waar vooral na afloop zaken werden gedaan aan de bar. Op z’n Gouderaks, zullen we maar zeggen. Een man of honderd was op de Dorpsvisie afgekomen en dat is mooi, het toont aan dat het onderwerp leeft in het dorp. Ben benieuwd wat eruit komt. Dat de gemeenteraad er serieus mee aan de slag moet, dat staat voor mij vast.
15.6.05
Geschrokken?
Vreemde kop vandaag in de Goudsche Courant: ‘Politici schrikken van bestuurlijk niveau’. Het stuk gaat over de commissie Algemene Bestuurlijke Zaken van gisteravond, waar werd gesproken over het Plan van Aanpak om te komen tot een beter functioneren van het gemeentelijk apparaat – college, raad en ambtenaren. En dat Plan van Aanpak, opgesteld door het college, is weer een reactie op de bestuurskrachtmeting van het bureau Van Naem en Partners.
Ik kan moeilijk spreken voor mijn collega-raadsleden, maar geschrokken? Nee. Sterker, de bestuurskrachtmeting bevestigde wat mijn fractie in het verleden tot vervelens toe heeft gezegd: de bestuurlijke cultuur is te veel naar binnen gericht, van visieontwikkeling is geen sprake en van een gemeente als motor achter maatschappelijke processen, zeg maar de ‘regiefunctie’, is in Ouderkerk ook geen sprake. Geen verrassende conclusies dus, en dus ook niet geschrokken. Eerder tevreden dat nu eens uit onverdachte bron wordt bevestigd wat wij steeds hebben gezegd. En dat er nu eindelijk ook iets lijkt te gebeuren – zie het Plan van Aanpak dat, het moet gezegd, heel snel door het college is geschreven en dat er op het eerste gezicht degelijk uitziet.
Toch vervelend dat er dan zo’n kop boven een krantenartikel staat. Het wekt de suggestie dat de raad al tijden buiten de werkelijkheid staat, dat de raadsleden geen benul hebben van de werkelijke problemen. Dat is dus niet waar. Het probleem is dat we in Ouderkerk te maken hebben met een ingesleten bestuurscultuur die meer is gericht op het instandhouden van de eigen organisatie dan op het aanpakken van de maatschappelijke problemen. Wij raadsleden zijn daar ook schuldig aan. We praten urenlang over ons eigen functioneren en over de samenwerking met de andere Krimpenerwaardgemeenten, maar tijd om met de inwoners te praten – in verenigingskantines, in de kroeg, op straat – hebben we daardoor niet. Eigenlijk zouden we moeten doen zoals de SP in de Tweede Kamer: gewoon een week in de maand wegblijven en de straat op gaan. Welk raadslid durft als eerste om die reden een vergadering te laten schieten?
Voor het doorbreken van vastgeroeste gewoonten is een cultuuromslag van nodig van bestuurders en ambtenaren. Ambtenaren zijn een vaste waarde, bestuurders komen en gaan. Misschien zouden alle raadsleden moeten besluiten om na de verkiezingen van 7 maart niet meer terug te keren. Dertien nieuwe, frisse mensen in de raad, dat moet werken!
Ik kan moeilijk spreken voor mijn collega-raadsleden, maar geschrokken? Nee. Sterker, de bestuurskrachtmeting bevestigde wat mijn fractie in het verleden tot vervelens toe heeft gezegd: de bestuurlijke cultuur is te veel naar binnen gericht, van visieontwikkeling is geen sprake en van een gemeente als motor achter maatschappelijke processen, zeg maar de ‘regiefunctie’, is in Ouderkerk ook geen sprake. Geen verrassende conclusies dus, en dus ook niet geschrokken. Eerder tevreden dat nu eens uit onverdachte bron wordt bevestigd wat wij steeds hebben gezegd. En dat er nu eindelijk ook iets lijkt te gebeuren – zie het Plan van Aanpak dat, het moet gezegd, heel snel door het college is geschreven en dat er op het eerste gezicht degelijk uitziet.
Toch vervelend dat er dan zo’n kop boven een krantenartikel staat. Het wekt de suggestie dat de raad al tijden buiten de werkelijkheid staat, dat de raadsleden geen benul hebben van de werkelijke problemen. Dat is dus niet waar. Het probleem is dat we in Ouderkerk te maken hebben met een ingesleten bestuurscultuur die meer is gericht op het instandhouden van de eigen organisatie dan op het aanpakken van de maatschappelijke problemen. Wij raadsleden zijn daar ook schuldig aan. We praten urenlang over ons eigen functioneren en over de samenwerking met de andere Krimpenerwaardgemeenten, maar tijd om met de inwoners te praten – in verenigingskantines, in de kroeg, op straat – hebben we daardoor niet. Eigenlijk zouden we moeten doen zoals de SP in de Tweede Kamer: gewoon een week in de maand wegblijven en de straat op gaan. Welk raadslid durft als eerste om die reden een vergadering te laten schieten?
Voor het doorbreken van vastgeroeste gewoonten is een cultuuromslag van nodig van bestuurders en ambtenaren. Ambtenaren zijn een vaste waarde, bestuurders komen en gaan. Misschien zouden alle raadsleden moeten besluiten om na de verkiezingen van 7 maart niet meer terug te keren. Dertien nieuwe, frisse mensen in de raad, dat moet werken!
6.6.05
Naakt
Mijn Schoonhovense collega-raadslid Jan Beugelaar kan mij niet meer volgen, schrijft hij in zijn weblog. Anders dan ik vindt hij Raadslid.NU wél een nuttige club. Hij is er dan ook lid van, vermoed ik, anders was hij niet naar het oprichtingscongres gegaan. Jan beschouwt Raadslid.NU als een vakbond. Ik niet. Een vakbond komt op voor de belangen van werknemers en als raadslid ben ik geen werknemer. Ik ben gekozen om de belangen van mijn kiezers te behartigen en zit niet te wachten op een club die mijn belangen behartigt. Ik heb nog eens gekeken naar de website van Raadslid.NU en daar staat, dat de vereniging het als een van haar taken ziet zich te bemoeien met veranderingen van de Grondwet of de Gemeentewet. Toe maar, nóg een praatclub erbij, hoe Nederlands. Die broek lijkt me iets te groot voor Raadslid.NU. Waarom ben ik lid van de PvdA? Omdat ik erop reken dat mijn partijgenoten in de Kamer naar mij luisteren en de belangen van raadsleden meewegen als het gaat over wetswijzigingen die het raadswerk raken. Omdat de PvdA, net als andere volwassen partijen, een eigen organisatie heeft voor lokale bestuurders. Natuurlijk is het interessant om met andere raadsleden eens van gedachten te wisselen over hun ervaringen. Maar daar is echt geen landelijke vereniging voor nodig.
En waarom schrijven ze NU eigenlijk in kapitalen? Zo krijgt het wel erg de nadruk. Nu is Frans voor naakt. Het naakte raadslid. Tja, of de kiezer dáár op zit te wachten.
En waarom schrijven ze NU eigenlijk in kapitalen? Zo krijgt het wel erg de nadruk. Nu is Frans voor naakt. Het naakte raadslid. Tja, of de kiezer dáár op zit te wachten.
5.6.05
Stijfburgerlijk
Het Laatste Nieuws is de grootste krant van Vlaanderen. Nou zegt dat niets over de kwaliteit van de berichtgeving, maar wat daarin wordt geschreven heeft meer impact dan pakweg de Mechelse variant van de Goudse Post. In Het Laatste Nieuws luchtte de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht (nóóit eerder van gehoord, maar de Belgen ook niet van Bernard Bot waarschijnlijk) zijn hart over Jan Peter Balkenende. Een mix van Harry Potter en brave stijfburgerlijkheid, noemde hij de premier, een man in wie De Gucht geen spoortje charisma kon ontwaren.
En toen ontstond er een rel.
Want zo spreek je als minister niet over de premier van een bevriende natie.
En dus moet morgen de ambassadeur van België bij Bot op het matje komen. Om aan te horen dat de Nederlandse regering ontstemd is en dat de F16’s op de vliegbasis Volkel (toevallig niet zo ver van de grens) al klaar staan om Kalmthout en Wuustwezel met de grond gelijk te maken. Die boodschap moet de arme De Gucht voorzien hebben, want hij was er zondag snel bij om zijn excuses aan te bieden. Zo had hij het allemaal niet bedoeld en de krant had zijn woorden uit hun verband gerukt. Zei hij.
Maar de geluidsopname van het interview, die dit weekend veelvuldig te beluisteren was, sprak andere taal. Hij heeft het wel degelijk gezegd. En tegenover de beschuldiging van De Gucht aan het adres van Het Laatste Nieuws, dat hij niet in staat was gesteld het interview vóór publicatie nog te lezen, staat de verklaring van de hoodredacteur dat de tekst wel degelijk was goedgekeurd door zowel de perschef van De Gucht als door diens kabinetschef - zoals eerder was afgesproken met de minister.
Als de hoofdredacteur gelijk heeft (en waarom zou dat niet, waarom zou De Gucht anders zijn excuses hebben aangeboden?) dan moet De Gucht aftreden. Omdat hij wegloopt voor zijn eigen woorden, niet vanwege wat hij heeft gezegd. Want Balkenende hééft geen charisma, hij ís de stijfburgerlijkheid (mooi woord trouwens) zelve en hij líjkt op Harry Potter – dat hebben veel hooggeplaatste vóór De Guchte ook al gezien. Maar ja, dat mag je niet zeggen als minister. Dan heet het ineens belediging. Er zijn oorlogen om minder ontstaan.
Maar als een eenvoudig raadslid uit Ouderkerk het herhaalt, kraait er geen haan naar.
Raar.
En toen ontstond er een rel.
Want zo spreek je als minister niet over de premier van een bevriende natie.
En dus moet morgen de ambassadeur van België bij Bot op het matje komen. Om aan te horen dat de Nederlandse regering ontstemd is en dat de F16’s op de vliegbasis Volkel (toevallig niet zo ver van de grens) al klaar staan om Kalmthout en Wuustwezel met de grond gelijk te maken. Die boodschap moet de arme De Gucht voorzien hebben, want hij was er zondag snel bij om zijn excuses aan te bieden. Zo had hij het allemaal niet bedoeld en de krant had zijn woorden uit hun verband gerukt. Zei hij.
Maar de geluidsopname van het interview, die dit weekend veelvuldig te beluisteren was, sprak andere taal. Hij heeft het wel degelijk gezegd. En tegenover de beschuldiging van De Gucht aan het adres van Het Laatste Nieuws, dat hij niet in staat was gesteld het interview vóór publicatie nog te lezen, staat de verklaring van de hoodredacteur dat de tekst wel degelijk was goedgekeurd door zowel de perschef van De Gucht als door diens kabinetschef - zoals eerder was afgesproken met de minister.
Als de hoofdredacteur gelijk heeft (en waarom zou dat niet, waarom zou De Gucht anders zijn excuses hebben aangeboden?) dan moet De Gucht aftreden. Omdat hij wegloopt voor zijn eigen woorden, niet vanwege wat hij heeft gezegd. Want Balkenende hééft geen charisma, hij ís de stijfburgerlijkheid (mooi woord trouwens) zelve en hij líjkt op Harry Potter – dat hebben veel hooggeplaatste vóór De Guchte ook al gezien. Maar ja, dat mag je niet zeggen als minister. Dan heet het ineens belediging. Er zijn oorlogen om minder ontstaan.
Maar als een eenvoudig raadslid uit Ouderkerk het herhaalt, kraait er geen haan naar.
Raar.
1.6.05
29.5.05
Raadslid.Nee
Zaterdag 4 juni wordt de vereniging Raadslid.Nu officieel opgericht. Raadslid.Nu wordt een landelijke vereniging van gemeenteraadsleden. Het heeft iets dubbels: gemeenteraadsleden moeten zich natuurlijk in de eerste plaats met hun eigen gemeente bezighouden, een landelijke vereniging past daar niet bij. En waarom zou je lid worden? Om informatie te krijgen over hoe je als raadslid moet functioneren? Om meer te weten te komen over je rechten en plichten als raadslid? Om te leren hoe je anderen van je mening moet overtuigen of hoe je een meerderheid voor jouw ideeën moet krijgen? Ik vind het maar onzinnig. Alle informatie die je nodig hebt om als raadslid te kunnen functioneren is al lang en breed beschikbaar. Iedere partij heeft wel een landelijke organisatie die raadsleden ondersteunt en desgewenst opleidt, er is een speciale website waar je alles over de positie van raadsleden in het dualistisch bestel kunt lezen en je hebt natuurlijk de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, waar raadsleden ook met vragen terechtkunnen. En alle gemeenteraden hebben een griffier, die er juist is om raadsleden met raad en daad terzijde staan. Nee, ik zie de meerwaarde van Raadslid.Nu niet. Ik begrijp ook niet dat er raadsleden zijn die nog tijd over hebben om zich hierin te verdiepen, ledenvergaderingen willen bijwonen en ook nog eens de contributie van 25 euro willen betalen. Of krijgen ze dat vergoed van hun gemeente, wat in feite er op neerkomt dat de burgers betalen voor iets volstrekts overbodigs? De oprichting van Raadslid.Nu is een nieuwe stap in de richting van professionele raadsleden. Een slechte ontwikkeling, raadsleden horen midden in de gemeenschap te staan. Dáár moeten ze lid van zijn, niet van de zoveelste club die zegt voor hun belangen op te komen. Een beetje raadslid kan dat zelf wel, al dan niet met behulp van zijn achterliggende partijorganisatie.
Abonneren op:
Posts (Atom)